Januari nieuwsbrief

Beste leensters, leners en andere belangstellenden,

Een (ver)korte nieuwsbrief aan het begin van het nieuwe jaar. Een uur voordat ik dit schreef was ik bijna klaar met deze januari nieuwsbrief. Toen ik verder wilde gaan, was de conceptversie om mij geheel onduidelijke redenen niet meer terug te vinden op mijn computer. Helaas, slikken, en voor zo ver mogelijk opnieuw beginnen. Daarom een (aanvankelijk) zwaar ingekorte versie. Een groot deel van de onlangs verschenen titels heb ik inmiddels weer op een rij gezet, een beschrijving ervan wordt langzaam bijgewerkt.

Maar allereerst: veel dank aan al degenen die mee hebben geholpen om de vrouwenbibliotheek dit jaar zo goed mogelijk te laten draaien, praktisch en digitaal. Jonna, je bent weer helemaal terug als webmaster, meedenker en trouwe sparring-partner voor alles wat er in de bibliotheek speelt. Ik prijs mijzelf er gelukkig mee. Yvonne is een paar maanden geleden binnen komen lopen, houdt ervan om de mouwen op te stropen of ’baliedienst’ te doen. Dank je wel!
Hoewel de mogelijkheid om te lezen de afgelopen maanden op zich niet is veranderd, blijkt het voor meerdere mensen toch anders of moeilijker te gaan. M.n. de jongere generatie recensenten blijkt meer moeite te hebben om aandacht te hebben voor boeken en  om zich te concentreren. Terwijl sommige ouderen zich (nog) meer storten op een waslijst aan boeken. Dit gegeven vind je terug in de recensies. Ik ben erg blij met alles wat er wel is gelukt. Recensies blijven belangrijk voor de website. Ze worden regelmatig gelezen door derden en veel uitgeverijen stellen ons recensie-exemplaren ter beschikking voor onze collectie. Dus dank je wel aan alle recensenten voor jullie inzet en bijdrage gedurende het afgelopen jaar: Ammy, Antoinette, Bianca, Céline, Elsje, Fieke, Gretha, Hannah, Imke, Ine, Irma, JamieLee, Janny, Kyra, Laura, Lieke J, Lieke P, Lisanne, Merel, Olaf, Renee en Sandra!

Wat betreft de nieuwsbrief was het een matig en onfortuinlijk begin van 2021. Al dan niet toevallig heb ik als laatste recensie op oudjaarsavond die over Laten we het beste er van hopen van Carolina Setterwall op de website gezet. Het klinkt mij als een matig, maar misschien wel reëel motto voor dit nieuwe jaar, dat voor ons ligt. Ik wens iedereen, lezer, leenster/lener, vrijwillig(st)er, en belangstellende een mooi en inspirerend nieuw (boeken)jaar met wijsheid waar nodig en mogelijk.

– A.ZINE is een online tijdschrift met een nieuw perspectief op architectuur, met architectuurverhalen die verder gaan dan een persbericht. Het wil een plek zijn voor professionals en de geïnteresseerde leek: een goed ontwerp zichtbaar maken en toelichten, architectonische studies, het onderzoeken van nieuwe inzichten, en vernieuwing van het vakgebied stimuleren. Er zijn een aantal rubrieken, waaronder Mevr. de Architect. In dat kader heeft A.ZINE afgelopen jaar vrouwelijke architecten geïnterviewd, met als eindresultaat een printeditie met een overzicht van 19 geportretteerde vrouwelijke architecten. “Hun aantal blijft achter ten opzichte van het aantal mannelijke (20% t.o.v. 80%), terwijl er even veel afstuderen aan een architectuuropleiding. De geportretteerde vrouwen uit Mevr. de Architect zijn belangrijke rolmodellen voor de volgende generatie, claimen hun positie en doen mee aan het architectuurdebat.”
Op 26 januari wordt deze printeditie online gepresenteerd tijdens een online te volgen, tijdens een live talkshow. Daarin zal in gesprek gegaan worden over o.a. vergeten en verzwegen vrouwen, de consequenties van het gegeven dat de vrouwelijke blik een blinde vlek is in het ontwerp, en hoe het kan dat mannelijke visie een bepalende rol heeft gespeeld in het classificeren van ‘goede’ architectuur.
Meer info: https://a-zine.nl/2020/12/15/26-januari-lancering-mevr-de-architect/

Onlangs uitgebrachte titels
– In haar 2e roman, Ik ben er niet, vertelt Lize Spit over een jong stel, Leo en Simon, dat 10 jaar bij elkaar is. Ze hebben allebei een moeilijke jeugd achter de rug en weinig andere mensen nodig dan elkaar. Leo is sinds het overlijden van haar moeder heel bang en klampt zich vast aan Simon. Als die een keer midden in de nacht en met een tattoo thuis komt, kantelt alles en lijkt hij iemand anders. Hij wordt achterdochtig en lijdt aan grootheidswaan. Zij ziet het gebeuren en hun zorgvuldig opgebouwde bestaan valt uit elkaar.
Knikkerkoning de debuutroman van Kira Wuck
De Duitse Esther Kinsky schreef haar onlangs vertaalde roman Langs de rivier al in 2014. Daarin verhuist een vrouw naar een buitenwijk van Londen, een buurt met veel immigranten, net als zijzelf. Ze spreken allemaal andere talen en verhouden zich op hun eigen manier tot de stad. Als buitenstaander observeert de vrouw het leven en de omgeving. Ze maakt lange wandelingen langs de rivier Lea, en ziet hoe stad en land in elkaar overgaan, elkaar vormen, hoe mensen uit de hele wereld als een stroom er doorheen trekken en om elkaar heen cirkelen. Tegen de achtergrond van de Europese geschiedenis speelt de vraag hoe je als mens in dat geheel kan landen.
– Piranesi van Susanna Clarke
De Braziliaanse Nara Vidal vertelt in Lotgevallen over een gezin dat in de 19e eeuw vanwege de hongersnood in Ierland vlucht naar Brazilië. Daar heerst keizer Dom Pedro en de katholieke kerk. De onderdrukking door beiden dwingt de jonge vertelster om, zwanger, haar familie en haar vriendschap voor de slavin Mariava achter zich te laten en toevlucht te zoeken in een huis in de wildernis. Het huis wordt gerund door nonnen die de baby’s van ‘gevallen vrouwen’ schaamteloos verkopen.
– De jongen van Tova Gerge
– Eiland is de bekroonde debuutroman van de Deense Siri Ranva Hjelm Jacobsen, geïnspireerd door haar familiegeschiedenis. Vlak voor de Tweede Wereldoorlog verhuisden haar grootouders vanaf de Faeröer-eilanden naar Denemarken. Nieuwsgierig naar haar familie en voorgeschiedenis  reist de kleindochter, geboren in Kopenhagen, terug naar de eilanden. De hoofdstukken waarin ze haar familieleden op de Faeröer-eilanden bezoekt, wisselt ze af met delen waarin ze zich in haar grootmoeder verplaatst.
– Jack van Marilynne Robinson
– Ook Queenie van Candice Carty-Williams is een veelgeprezen romandebuut. Een 25-jarige Jamaicaans-Britse vrouw uit Londen verliest de grip op haar leven. Ze krijgt een miskraam, haar vriend maakt het uit, ze verlaat hun gedeelde flat en verliest haar baan bij de krant. Ze zoekt afleiding in datingapps en kortstondige affaires, maar het helpt niet. Als ze in therapie wil gaan, krijgt ze te maken met vooroordelen van haar Jamaicaanse familie. De positie, die Queenie inneemt in de maatschappij, haar onzekerheden en haar vrienden worden voor een belangrijk deel gevormd doordat ze zwart is. Toch is haar verhaal ook luchtig.

Poëzie
– Er is bij van Oorschot een nieuwe uitgave van het Verzameld werk van de Nederlandse dichteres en (jeugd)psychiater Vasalis. Ze is een van Nederlands grootste dichters van de 20e eeuw, en sinds in 1954 de bundel Vergezichten en gezichten verscheen is haar werk nooit meer uit druk geweest. Deze extra bijzondere uitgave bevat alle verzamelde gedichten, een aantal niet eerder gepubliceerde jeugdverzen en proza, waaronder fragmenten uit haar oorlogsdagboek. Haar poëzie is tijdloos en wordt nog steeds veel gelezen. Dat heeft waarschijnlijk vooral te maken met manier waarop ze vaak in een lichte taal heldere beelden schetst over belangrijke, en zinvolle dingen van het leven.
– Ik verlang en sta in brand. Van Sapfo tot Sulpicia. Mieke de Vos verzamelde en vertaalde werk van vrouwelijke dichters uit de oudheid. Sapfo van Lesbos leerde hele generaties dichters hoe ze moesten schrijven: levendig, lyrisch, en intens persoonlijk. Er is niet veel bewaard gebleven van haar werk, maar het maakt zo’n indruk dat Sapfo is uitgegroeid tot de beroemdste dichteres uit de geschiedenis. Na Sapfo lieten meer vrouwen een nieuw en eigen geluid horen in de antieke dichtkunst. Anyte uit Arcadië gebruikte als eerste het landschap voor poëzie. Erinna dichtte een klaagzang over liefde en dood, Nossis verbeeldde een zinderende vrouwenwereld vol schoonheid en rituelen, Korinna herschiep de mythische wereld vanuit een vrouwelijk perspectief. Sulpicia is de enige Romeinse vrouw van wie gedichten zijn overgeleverd, een cyclus over een grote liefde.
– Veldwerk is de 2e dichtbundel van Bernke Klein Zandvoort en bestaat uit lange gedichten en korte gedachten. Bernke verzamelt gegevens over haar waarneming van de wereld. Ze blijkt een indringend waarneemster, laat beelden in haar hoofd ontstaan en geeft er woorden aan.
– Uit de nieuwe dichtbundel Reistijd, bedtijd, ijstijd van Marjolijn van Heemstra
‘Het is moeilijk te bevatten dat dit bestaan,
de volledige weg van schreeuw tot zucht,
zal worden samengevat in een kleine
streep van geboorte- naar sterftejaar.
Een godgans leven uitgedrukt in de smalste
horizon van is naar is geweest, eenzame
kras tussen bron en zee.’

Non-fictie
– Er is geen ander dan anders zijn van Barber van de Pol, een biografie over Het denken van Carry van Bruggen. Carry van Bruggen (1881-1932) legde als eerste Nederlandse schrijfster het vrouwelijk bewustzijn bloot en leverde het gevecht met haar eigen seksualiteit openhartig, vol innerlijke tegenspraak. Ze was geen feministe, al is haar werk een impliciete aanklacht tegen de achterstelling van de vrouw. Ieder isme wekte haar argwaan, met name het nationalisme, waarvan ze de gevaren als Jodin goed doorzag. Ze mengde zich in het publieke debat, was een geweldige columniste en haar romans en verhalen waren heel intens. In haar filosofische werk laat ze zien hoe gemeenschapszin en distinctiedrift elkaar bevechten en ze concludeert: er is geen ander zijn dan anders zijn. Maar het lukte haar niet met haar eigen gespletenheid in het reine te komen. Ze maakte op 51-jarige leeftijd een eind aan haar leven.
– Afhankelijkheid is het 3e deel van de autobiografische Kopenhagentrilogie van de Deense schrijfster Tove Ditlevsen uit 1967, en recent vertaald. Tove groeide op als een slim buitenbeentje in een arbeidersbuurt van Kopenhagen en schreef heimelijk gedichten. Als ze net twintig is, is ze al een gevierd schrijfster. Ze is inmiddels getrouwd en lijkt het allemaal prima voor elkaar te hebben. Maar van binnen is ze ten einde raad. Het voorspelbare leven benauwt haar en ze noemt haar passieloze huwelijk ‘een vergissing’. Er volgen affaires, echtscheidingen, gewenste en ongewenste zwangerschappen en Tove begint aan een gevecht dat heel haar leven zal voortduren: de strijd met afhankelijkheid, in al haar vormen. Afhankelijkheid is een ijzingwekkend portret van een verslaving – en de weg daaruit.
– In Man en macht (Entitled): hoe mannelijke privilege vrouwen schaadt biedt Kate Manne een prikkelend nieuw denkkader om afkeer van vrouwen en mannelijk privilege te begrijpen. Wat vanzelfsprekend wordt gevonden voor een man, spreekt nog altijd niet vanzelf voor een vrouw. Dit veroorzaakt regelmatig een fundamentele rechts-ongelijkheid. De Amerikaanse filosofe analyseert de werking van mannelijk ‘entitlement’ op tien gebieden, van aandacht, kennis en medische zorg tot seks en huishoudelijk werk. Ze laat zien dat genderongelijkheid niet door een paar slechteriken veroorzaakt wordt, maar diep in de samenleving wortelt.

Activiteiten en boeken-nieuws in Utrecht en daarbuiten:
Nu museumbezoek en/of andere activiteiten voorlopig niet mogelijk zijn, heb ik wat artikelen verzameld op het digitale Literatuurmuseum.
Het Literatuurmuseum in Den Haag (voorheen Letterkundig Museum) verzamelt, beheert en exposeert handschriften, brieven, foto’s, schilderijen, illustraties en voorwerpen op het gebied van de Nederlandse literatuur vanaf 1750. Het is gevestigd in het gebouw van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag, en er is ook een online-versie: www.literatuurmuseum.nl, een snel groeiend museum waar schrijvers, thema’s en gebeurtenissen tot leven worden gebracht aan de hand van literaire ‘schatten’. Regelmatig komen er verhalen bij en er verschijnen wekelijks nieuwe artikelen, waarin schrijvers van nu vertellen over de collectie van het museum.
Een paar artikelen/tentoonstellingen:
– ’Omdat ik iets te zeggen had’, een tentoonstelling over de ‘vergeten’ schrijfsters van de 19e eeuw. Er komen maar weinig schrijfsters voor in de klassieke Nederlandse canon. Terwijl er in de 19e eeuw wel degelijk vrouwen waren die schreven én publiceerden, zoals Amy de Leeuw, Anna van Gogh, Elisabeth Hasebroek, Geertruida Bosboom-Toussaint, Estrella Hertzveld.
https://literatuurmuseum.nl/verhalen/schrijfster-zijn-in-de-19e-eeuw/schrijfster-worden
– ‘De poëzie van Hella Haasse’. Vooral bekend van haar vele romans debuteerde ze in 1945 met een dichtbundel, Stroomversnelling. Daarna zou er van haar nauwelijks nog poëzie in druk verschijnen, tot er in 2006 plotseling acht gedichten opdoken in een literair tijdschrift.
https://literatuurmuseum.nl/artikelen/om-persoonlijke-redenen-zou-ik-deze-gedichten-liever-niet-willen-publiceren-de-poezie-van-hella-haasse
– ‘Twee maal, in de ergste nood riep ik uw hulp in’, over dichteres en classica Ida Gerhardt
https://literatuurmuseum.nl/artikelen/twee-maal-in-de-ergste-nood-riep-ik-uw-hulp-in-de-wrokkige-woorden-van-ida-gerhardt
– Een kort biografisch artikel over Clara Eggink, die achtereenvolgens getrouwd was met J.C. Bloem en Jan Campert. Naast gedichten schreef ze ook kritieken.
https://literatuurmuseum.nl/schrijversgalerij/schrijvers/clara-eggink/clara-eggink
– In de vorige nieuwsbrief schreef ik over de opnieuw uitgebrachte roman Kruis of munt van Jo Boer. Hier een artikel van  het literatuurmuseum over haar.
https://literatuurmuseum.nl/artikelen/deze-kleine-zachte-wereld-moet-ik-weer-waardig-worden-het-bevuilde-woord-van-jo-boer

Bibliotheeknieuws:
– Deze maand zal de bibliotheek op de aangegeven tijden open zijn voor het ophalen en terugbrengen van boeken. Uitzoeken van boeken kan via de catalogus of bijv. via de recensielijst. Als je je leenwensen via info@vrouwenbibliotheek.nl laat weten, dan worden de boeken voor je klaar gelegd. Laat ook weten als je behoefte hebt aan suggesties e.d. Mocht er komende weken hier iets in veranderen, zullen we dat via de website laten weten.
– De poêziegroep en de leesgroep zorgen nog steeds voor aangepaste bijeenkomsten.

Nieuwe boeken in de bibliotheek
Mijn lieve gunsteling van Marieke Lucas Rijneveld, De onafscheidelijken van Simone de Beauvoir, De vrouw van Martin Guerre van Janet Lewis en Wat ze zeiden van Miriam Toews, Afspraak van Katharina Volckmer, Swingtime van Zadie Smith, Dingen die ik niet wil weten van Deborah Levy, Hannah Arendt van Ann Heberlein, 379 Pretty Brilliant women in the arts van See All This, en Claudy Jongstra, catalogus van de Lakenhal.

Nieuwe recensies van deze maand als link bijgevoegd:
https://vrouwenbibliotheek.nl/2020/12/09/de-muren-vielen-om-door-henriette-roosenburg/
https://vrouwenbibliotheek.nl/2020/12/14/de-val-van-thomas-g-door-nelleke-noordervliet/
https://vrouwenbibliotheek.nl/2020/12/27/wat-scheelt-eraan-door-sigrid-nunez/
https://vrouwenbibliotheek.nl/2020/12/30/sempre-susan-door-sigrid-nunez/
https://vrouwenbibliotheek.nl/2020/12/31/laten-we-er-het-beste-van-hopen-door-carolina-setterwall/

De leenbijdrage voor 2021 is opnieuw vastgesteld op € 26,-. Je kunt hiervoor onbeperkt boeken lenen en/of vriendin/vriend van de bibliotheek zijn.
Iedereen die boeken leent en/of wil gaan lenen wordt vriendelijk verzocht dit bedrag over te maken op banknummer NL71 INGB 0009 2669 95 ten name van Stichting Es Scent ovv naam en ‘leenbijdrage 2021’. Meer overmaken om de vrouwenbibliotheek extra te ondersteunen mag natuurlijk altijd. Eenmalig een boek lenen kan ook. De bijdrage hiervoor is € 1,- per boek, met een startbedrag van € 5,- per kalenderjaar.

Op www.vrouwenbibliotheek.nl is meer informatie over de bibliotheek te vinden en veel recensies, de nieuwsbrief is ook te lezen via onze website.

Marjolein Datema                                                                                          Utrecht, 1 januari 2021

 

 




‘De verzamelde werken van A.J. Fikry, boekhandelaar’ door Gabrielle Zevin

De verzamelde werken van A.J. Fikry is het nieuwste boek voor volwassenen van Gabrielle Zevin, die ook jeugdliteratuur schrijft. Maandenlang stond het in de bestsellerlijst van de New York Times en er zijn ruim twintig vertalingen van uitgegeven. In de speelse korte roman hebben boeken een prominente rol. Je leest het gemakkelijk uit, het is hier en daar geestig, maar het mist wat mij betreft diepgang.

De titelfiguur is eigenaar van de enige boekhandel op een eiland. Zijn leven is zo grauw als dit toeristen-eiland in de winter. Lezen doet Fikry vooral plichtmatig en verder is niks voor hem van waarde. En dan kan hij zich ook nog aan van alles ergeren, zoals aan de studenten die rondhangen in zijn winkel en niks kopen – “en hij weet vrijwel zeker dat de verstopping van de wc aan een van hen te wijten is.” Maar als hij op een dag een kind vindt in een gangpad tussen de boekenkasten, verdwijnt zijn chagrijn. Zevin bespreekt de lotgevallen van deze boekverkoper, van de mensen die zijn leven beïnvloeden en vooral ook van zijn boekhandel.

Fikry’s humeur en gedrag veranderen in de loop van het verhaal, maar hoe deze omslag psychologisch in elkaar steekt blijft onduidelijk. De boekhandelaar en de andere personages blijven op afstand. Ze zijn herkenbaar op het karikaturale af, maar gelegenheid ze echt te leren kennen wordt niet gegeven. Meevoelen met de figuren is er daarom niet bij. Als lezer ben je toeschouwer, een eindje van het toneel verwijderd.

Maar misschien moeten we deze oppervlakkigheid door de vingers zien. De karakters staan immers niet centraal; boeken spelen de hoofdrol. Mensen zijn zelfs zo sterk ondergeschikt aan de fictie dat de personages – Fikry, zijn schrijvende zwager en de politieman die misdaadliteratuur verslindt – naar zichzelf kijken als waren ze protagonisten in een roman. Ook naar anderen kijkt Fikry door zijn lezersbril:
“Als Jenny een boek was, zou ze een paperback zijn die zo uit de doos komt – geen ezelsoren, geen waterschade, geen vouwen in de rug.”
De vele verwijzingen en vergelijkingen doen helaas gekunsteld aan. Dat literatuur belangrijk is voor Zevins personages – en voor haarzelf – is duidelijk genoeg, maar inspirerend is deze presentatie van boekenliefde niet.

Zevin heeft schijnbaar weinig vertrouwen in haar lezers. Situaties en verhaallijnen worden wel heel expliciet beschreven; voor verbeelding laat ze weinig ruimte. Zelfs dialogen lijken de functie te hebben om nog eens uit te leggen hoe het zit, in plaats van dat ze de personages levendig maken. Dat eilandbewoners in onderlinge gesprekken steeds maar weer benoemen dat er ’s zomers toeristen zijn en dat de reis naar het eiland lang is, is overbodig en ongeloofwaardig.

Hier en daar verrast Gabrielle Zevin met een originele zin:
Zijn adem ruikt naar sokken die nat zijn van de sneeuw.” of een geestige vergelijking: “A.J. heeft zijn hele leven nog nooit een luier verschoond, ook al kan hij redelijk goed boeken inpakken.” Maar dan doet ze het verfrissende effect teniet door een uitgebreide toelichting te geven: dat Fikry vroeger “altijd veel werk [maakte] van de cadeauverpakkingen [en denkt] dat luiers verschonen en boeken inpakken in cadeaupapier aan elkaar gerelateerde vaardigheden zijn.“ Spijtig.

Omdat De verzamelde werken zoveel over boeken gaat en allerlei aspecten van literatuur bespreekt, ben ik geneigd Zevin veel te vergeven. Zwakke plekken in een boek zijn namelijk minder erg als de auteur zich bewust is van wat een boek sterk maakt – en dat lijkt ze te zijn. Toch laat het boek bij mij nauwelijks een positief gevoel achter; het is te weinigzeggend om me te raken.

Uitgever       Atlas Contact, 2015
Pagina’s       244
Vertaald       uit het Engels door Lidwien Biekmann  (The Storied Life of A.J. Fikry)
ISBN             978 9025 440 862

recensie door Fieke Boschman, februari 2016