‘Nachtgevechten’ door Miriam Toews

De Canadese auteur Miriam Toews werd geboren in een mennonitische gemeenschap in Manitoba, Canada. Deze strenggelovige achtergrond, waarvan ze op haar achttiende wegvluchtte, verwerkt ze regelmatig in haar romans. In de gemeenschap lag de nadruk op schuld, discipline en schaamte, vrouwen werden er klein en onwetend gehouden. Ook in Nachtgevechten speelt die achtergrond, maar de toon is anders.

Swiv, een 9-jarig meisje, heeft het niet gemakkelijk. In brieven aan haar vader beschrijft ze wat er thuis allemaal gebeurt. Ze weet niet waar haar vader is. De brieven zijn meer een manier om van zich af te schrijven dan dat ze antwoord verwacht. Het is een krakkemikkig huishouden, waar Swiv woont met haar moeder en haar oma. Vrij kort geleden hebben haar opa en haar tante Momo een eind aan hun leven gemaakt. Dat dompelde moeder en oma, die toen nog in haar eigen huis woonde, in diepe rouw. Bij de moeder speelt daarnaast nog mee dat ze bang is erfelijk belast te zijn met de wens zichzelf te willen doden. Oma gelooft daar niet in en houdt haar voor dat ze een sterke vrouw is die goed kan vechten. Als Swivs moeder als actrice voor een filmproject een tijd naar Albanië gaat, raakt vader aan de drank. Daar voelt moeder zich bij terugkomst verantwoordelijk voor. Om het gezin weer samen te brengen raakt ze zwanger, maar vader houdt het voor gezien en vertrekt. Oma trekt bij Swiv en haar moeder in.

In de periode van rouw hadden Swivs moeder en oma nauwelijks aandacht voor haar. Swiv probeerde het huishouden voor haar vader draaiende te houden. Ook nu oma bij hen woont, is ze voortdurend bang en bezorgd. Ze is bang dat haar moeder zichzelf zal doden en probeert Gord (de naam van de baby zolang niet bekend is of het een jongen of een meisje is) voor te bereiden op het hectische leven met hun onstuimige en onvoorspelbare moeder. Oma is hartpatiënt en heeft hulp nodig met douchen, steunkousen aantrekken en medicijnen innemen. Dat doet Swiv allemaal. Ze is continu waakzaam of het wel goed met oma gaat en of ze zich niet teveel inspant. Als je dit zo leest denk je dat oma een zielig oud vrouwtje is, maar zij is juist de krachtigste vrouw in het verhaal.

Oma is een vechter en laat zich niet uit het veld slaan. Ze houdt van het leven en maakt overal en altijd gemakkelijk contact. Ze wil Swiv ervan doordringen dat je het recht hebt van het leven te genieten en dat het belangrijk is daarvoor te vechten. Swiv heeft het advies om te vechten en voor zichzelf op te komen iets te letterlijk genomen en is van school geschorst. Daarom krijgt ze nu thuis les van oma, op nogal onorthodoxe wijze. Doordat het verhaal door de ogen van Swiv verteld wordt, blijft de voorgeschiedenis van oma een beetje onduidelijk. Wel is duidelijk dat ze uit een grote familie komt en dat er mensen zijn, aangevoerd door ene Willit Braun, die vinden dat vrolijkheid en genieten zondig zijn. Oma, die zich met enkele van haar familieleden daaraan heeft ontworsteld, houdt hem daarom verantwoordelijk voor de zelfdoding van opa en Momo. Ze wordt nog steeds op de huid gezeten door Willit en zijn medestanders.

In deel 2 gaan oma en Swiv naar Fresno, Californië, om Lou en Ken op te zoeken. Dat zijn twee neefjes, zoals oma het noemt, maar die zijn inmiddels ook al flink op leeftijd. Voor oma wordt het een soort afscheidsreis, voor Swiv een kennismaking met een heel andere wereld, waar mensen van elkaar houden en ondanks tegenslag voluit van het leven (proberen te) genieten. Van Lou en Ken hoort Swiv herhaaldelijk hoe sterk ze haar moeder vinden. Daar is ze blij om. Oma wil alles uit het bezoek halen, maar zoals Swiv al vreesde, gaat dat ten koste van haar gezondheid. Ze vliegen eerder terug naar huis, waar oma direct op de intensive care van het ziekenhuis wordt opgenomen. Tijdens het bezoek van moeder aan oma beginnen de weeën en die nacht wordt de baby geboren. Swiv pendelt heen en weer tussen haar moeder en oma op de verschillende etages van het ziekenhuis, en slaagt erin haar nieuwe zusje (Gord blijkt een meisje te zijn) uit de kraamafdeling mee te nemen naar oma om haar te laten zien. Daar vindt moeder haar en begrijpt ondanks haar schrik en boosheid wel waarom Swiv dat gedaan heeft. Oma laat het leven los nu ze haar nieuwe kleindochter heeft gezien en weet dat Swiv, haar moeder en haar nieuwe zusje samen verder kunnen. In het laatste hoofdstuk klinkt Swiv inderdaad optimistisch en minder tobberig.

Het is een zware thematiek. Toch is het boek geen zware kost. Je krijgt het verhaal mee door de ogen van Swiv, die alles van dag tot dag neemt zoals het komt en ongefilterd beschrijft. Dat leidt tot komische en geestige beschrijvingen. Dat haar familie in de ogen van anderen wellicht niet helemaal ‘normaal’ is, komt niet bij haar op. Hoewel ze zich zorgen maakt om haar moeder en oma blijkt uit alles dat ze dezelfde pit en harde kern heeft als die twee. Het komt wel goed met Swiv, daar ben ik van overtuigd.

Miriam Toews (1964) vertrok op 18-jarige leeftijd naar Montreal en Londen en studeerde er film en journalistiek. Ze heeft inmiddels acht romans geschreven, waarvan de laatste drie ook in het Nederlands zijn vertaald (zie ook de andere twee recensies op de website van de Vrouwenbibliotheek*). In bijna al haar boeken gebruikt ze haar eigen ervaringen, vooral het leven en volwassen worden in een sektarische gemeenschap en de zelfdoding van naaste familieleden. Meestal zijn haar boeken hoopvol, doordat de betrokken vrouwen zich aan hun situatie weten te ontworstelen. Het is knap hoe ze dezelfde thematiek op steeds verschillende manieren uitwerkt. Een aantal van haar boeken is met succes verfilmd.

Uitgeverij      Cossee, 2023
Pagina’s        219
Vertaald        uit het Engels door Ineke van den Elskamp (Fight Night, 2021)
ISBN             978 9064 521 146

Recensie door Marianne van der Weiden, november 2023

*
–  https://vrouwenbibliotheek.nl/2021/03/27/wat-ze-zeiden-door-miriam-toews/
– https://vrouwenbibliotheek.nl/2022/06/10/niemand-zoals-ik-door-miriam-toews/