Recensies

‘Mijn leven als mens’ door Joke van Leeuwen

De flaptekst van Mijn leven als mens maakt nieuwsgierig en trekt je meteen het boek in: “Gisteren ben ik doodgegaan, onverwacht en banaal, met mijn hoofd op een harde tegelvloer die een optische illusie vormt met kubussen.”
Zo begint de 18-jarige Dinka vanuit het hiernamaals te vertellen over haar leven als mens. Al meteen komt ze haar bij de geboorte overleden tweelingzusje tegen, dat ze altijd heeft gemist. Samen zien ze hoe Dinka’s korte leven verliep, in de schaduw van haar dode zusje en op de drempel van de nieuwe eeuw. Hoe ze verliefd wordt op Mier, een werelds meisje met een instabiel verleden.’

Als je het boek dan openslaat ontvouwt het beloofde leesplezier zich ook daadwerkelijk. Een verwarrend leesplezier. Je slaat het boek dicht en denkt: wat moet ik hier nu van vinden? Nou is Joke van Leeuwen (1952) een schrijfster die je altijd weet te verrassen. Zij is auteur voor volwassenen en kinderen (al maakt zij zelf niet zo’n scherp onderscheid op basis van de leeftijd van haar lezers), dichteres, illustratrice en cabaretière. Zij studeerde grafische kunsten en geschiedenis in Brussel en Antwerpen, waar ze woont. Ze was daar ook enkele jaren stadsdichter.

Dinka vertelt haar verhaal vanuit de hemel. Haar dode zusje Dinska komt daar dichterbij, lijkt het: “Het was mijn leven”, zeg ik, “niet het jouwe. En als jij levend was gebleven, was mijn leven anders geweest. Nu was je er door er niet te zijn”, zegt Dinka.

Kijkend naar de aarde voeren ze gesprekken over dood en leven. Ze zien de begrafenis van Dinka, haar zusje vraagt waar haar lijf is gebleven en Dinka kan het haar niet vertellen: “…je hebt dus nooit officieel bestaan want je hebt nooit geademd, als je wel even had geademd, had je geleefd’. ‘Dus ademen is leven. Ademen is genoeg. Ademen is het belangrijkste’ ‘En een naam krijgen. Dat ook. En bestaan.”

Voor de moeder van Dinka is haar zusje Dinska er nog steeds, heel nabij. Net zo nabij als Dinka en Dinska (maar één letter verschil) elkaar waren bij hun geboorte. Zij zweeft op een andere manier. Eerst opent ze een adempraktijk aan huis, later gaat ze cursussen tenen lezen en intuïtief schilderen aanbieden.

Dinka’s vader is anders. Lees hoe Joke van Leeuwen die beschrijft in een van de ironische beschrijvingen waarin zij grossiert. Flarden buitenwereld, grote politiek en tijdsgeest worden schijnbaar achteloos met elkaar vermengd:
Mijn vader zegt dat een procesmanager alles kan managen, ook al heeft hij geen inhoudelijke kennis, want dat is niet nodig, het gaat om de processen die je managet en alles is overal altijd een proces, een voortgang, als dat woord me meer zegt. Dat laatste begrijp ik, denkend aan de voortgang van mijn lichaam. Ik heb flossig okselhaar en tussen mijn benen is het interessant geworden.”

Dan komt Mier het verhaal binnen wandelen. Zij noemt Dinka Dingetje. Mier is een meisje met een Geschiedenis. Ooit is zij uit huis geplaats, heeft in een reeks van huizen gewoond en nu woont ze ergens waar haar een opvoedster is toegewezen, die haar leven stuurt door het geven van briefjes met toestemming. Toestemming om bij Dinka op bezoek te gaan bijvoorbeeld. Er ontstaat een onwaarschijnlijke liefde. Het litteken dat ontstond toen Dinka van haar zusje werd gescheiden intrigeert Mier mateloos. Dinka is 17, bijna de onschuld zelve, Mier is 20 en een echte sjacheraar. Ze windt Dinka’s ouders moeiteloos om haar vingers. Dinka’s vader bezorgt haar een baantje in de koude acquisitie (aanleiding voor weer zo’n prachtige ironische schets). Later raakt ze betrokken in een sekte-achtige rechtse groep onder leiding van Albard, die dreigbrieven schrijft. Dinka en Mier vervreemden pijnlijk van elkaar. Dinka gaat op kamers wonen.
Dan neemt het verhaal een wending in de richting van een harde tegelvloer met optische illusies, dezelfde tegelvloer waar het mee begon.

Daar kan ik niet anders dan denken aan M.C. Eschers spel met optische illusies. Niets is wat het lijkt. Joke van Leeuwen zegt het ergens letterlijk, als ze het over een gele muur heeft waar Mier op uitkijkt, een muur die Dinka eerder zag: “ze moet op het licht letten omdat niets is wat het lijkt, door dat licht.”
Het boek heeft een heldere structuur, er valt nog geen spreekwoordelijke mus van het dak zonder dat die een plek heeft. Die structuur wekt de indruk dat er orde wordt geschapen in het gelaagde verhaal, maar ik weet niet wat ik ervan moet denken Mijn leven als mens is een roman, ik lees proza, maar ik word regelmatig op een verkeerd been gezet, alsof ik een gedicht lees. Maar misschien is het een manier om de wazige wereld van een puber op te roepen, die leeft in een parallel universum, met soms haarscherpe en soms onbegrijpelijke beelden.

Maar ach, waarom zou je als lezer ook alles moeten begrijpen? Mijn leven als mens is een levendig en lichtvoetig portret van mensen en tijdsbeelden, een genoegen om te lezen. Dat maakt het de moeite waard.

Uitgeverij      Querido, 2021
Pagina’s       194
ISBN             978 9021 426 433

Recensie door Ine van Emmerik, januari 2022

 

Share

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Powered by: Wordpress