Recensies

‘De eerste vrouw’ door Jennifer Nansubuga Makumbi

Jennifer Nansubuga Makumbi wordt wereldwijd bejubeld. Met Kintu, haar debuutroman, won ze diverse literaire prijzen en ontving ze zeer positieve recensies. In 2019 kwam Makumbi als gastspreekster voor een literair festival naar Nederland, naar aanleiding waarvan ze geïnterviewd werd door onder meer Trouw, Het Parool en de Volkskrant. Tot en met juni 2021 werkte ze bij het NIAS (een onderzoeksinstituut voor geesteswetenschappen en sociale wetenschappen in Amsterdam) aan haar derde roman. Jennifer Makumbi woont tegenwoordig in Manchester, maar groeide op in Oeganda. Over haar opleiding op de lagere school vertelde ze aan de Volkskrant dat zij mondelinge tradities kreeg voorgeschoteld als ware ze de daadwerkelijke geschiedenis.[1]Zo ook het verhaal van Nnambi, volgens het Oegandese scheppingsverhaal de eerste vrouw.

Nnambi en alle vrouwen na haar zijn ontstaan uit het water, in tegenstelling tot Kintu, de eerste man die ontstond uit de aarde. Als Kirabo, de hoofdpersoon van De eerste vrouw, de beek Nnakya tussen haar dorp en het aangrenzende dorp oversteekt, zegt zij de vrouwelijke beek altijd gedag. Deze gewoonte is typerend voor de rest van de roman, een prachtig verhaal doorspekt met tradities, geschiedenis en rituelen die wij niet of nauwelijks kennen.
Kirabo groeit op bij haar grootouders, omdat haar moeder haar als baby heeft achtergelaten. Haar grootouders wonen op het platteland van Nannetta, waar haar opa grootgrondbezitter is en een vooraanstaande man in de clan. Haar grootouders voeden haar liefdevol maar streng op, en zwijgen als Kirabo naar haar moeder vraagt. Ze zoekt de antwoorden op haar vragen bij Nsuuta, de dorpsheks. Later, in het gedeelte ‘Toen de dorpen nog jong waren’, blijkt dat Nsuuta meer is dan een dorpsheks.
De vertelling wisselt van 1980 naar 1940 en vertelt het verhaal van Nsuuta en Aliksia, Kirabo’s oma, en hun gedeelde liefde voor Miiro, Kirabo’s opa. Tijdens deze geschiedenis beschrijft Makumbi vaak de rol die de Britse overheersers hebben gehad op het leven in de Oegandese stammen. Een mooi voorbeeld hiervan is de invoering van de vierentwintig-uursklok bij de Ganda stam:
Nadat de Britten de natuurlijke klok uit de lucht hadden geplukt en de dag in vierentwintig delen hadden gehakt, konden de rijken het zich veroorloven de tijd te kopen en om hun pols te dragen. Nu zag je kinderen door de straat rennen om hen te gaan vragen hoe laat het was. Zelfs toen de Ganda het uur uiteindelijk aanvaardden als eenheid van tijd, begonnen ze te tellen bij zonsopgang en dan opnieuw als het donker werd. Twaalf uur dag, twaalf uur nacht. Maar het idee van “op tijd zijn” werd door de Ganda volledig verworpen. Ze leefden gewoon verder alsof er geen uren en minuten bestonden. Per slot van rekening zou de wereld er de volgende dag ook nog wel zijn.’           (pag 305)

Als ze ouder is, verhuist Kirabo naar Tom, haar vader die in Kampala woont. Hij heeft inmiddels een nieuwe vrouw, die Kirabo behandelt alsof ze haar ergste vijand is. Tom’s vrouw heet ook Nnambi; de eerste vrouw wordt hiermee voorgesteld als een boze stiefmoeder. ‘Nnambi’ staat ook voor de dood. Niet veel later in de roman, Kirabo studeert inmiddels aan het prestigieuze St. Theresa college, overlijdt Tom. Het nieuws bereikt haar en slaat in als een bom. Niet alleen is Kirabo nu wees, ook gaat haar leven op de universiteit gebukt onder de dictatuur van Idi Amin. Tot overmaat van ramp bezwangert haar grote liefde Sio een schoolvriendinnetje van Kirabo én mondt de zoektocht naar haar moeder uit in een grote teleurstelling. Uiteindelijk komt alles goed, als het sterke clan- en familienetwerk van Kirabo haar opvangt en de begrafenisrituelen voor haar vader Tom organiseert.

Kirabo wordt gevormd door legenden. De legenden hebben hun uitwerking op de manier waarop vrouwen in Oeganda behandeld worden. Jennifer Makumbi blijft niet weg van serieuze onderwerpen en schrijft open over moord en doodslag, schoonmoeders als Nnambi, hekserij, polygame cultuur en stereotiepe vrouwen. Kortom, een prachtig boek. Wie de smaak te pakken heeft, vindt, zowel qua thema’s als qua grote hoeveelheid paginanummers, een soortgelijk boek in Amerikanah van Chimamanda Ngozi Adichie.

Uitgeverij          Cossee, 2021
Pagina’s            466
Vertaald             uit het Engels door Josephine Ruitenberg (The First Woman)
ISBN                  978 9059 369 528

Recensie door Lieke Polak, oktober 2021

[1] https://www.volkskrant.nl/cultuur-media/jennifer-nansubuga-makumbi-ik-wil-dat-europeanen-ook-eens-naar-ons-kijken~bec2fbc0/, geraadpleegd op 1 oktober 2021.

Share

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress