Recensies

‘De weg van de meeste weerstand’ door Lionel Shriver

‘Sporten moet leuk blijven… toch? De delicate balans tussen presteren en plezier onderzocht’, kopte de Volkskrant eind januari.[1] De reportage, even vermakelijk als vernietigend, over de prestatiegerichte sporter ging al snel rond in de groepsapp van mijn wielervereniging. Gniffelend achter onze handjes wezen we naar degene die alleen maar ritjes op Strava zette als ze harder dan 28 kilometer per uur had gefietst. Of die jongen die zijn rondjes altijd ondertekende met verzachtende woorden en verklarende omstandigheden: ‘brak ritje’ en ‘vriendin uit de wind houden’. Wat kinderachtig. Of zijn we er allemaal een beetje schuldig aan? Steeds harder, vaker en meer sporten. Je schamen als je een keer een langzaam rondje fietst of maar een halfuurtje rent. We sporten toch voor ons plezier en onze gezondheid? Of is er meer?

Voor zestiger Serenata, de hoofdpersoon van De weg van de meeste weerstand, is sport haar gehele identiteit. Ze verslijt haar leven met hardlooprondes van 15 kilometer, uren in het zwembad en talloze spierversterkende oefeningen. Als kind doet ze in de achtertuin allerlei sportieve kunstjes, als tiener maakt ze sit-ups in series van vijfhonderd en als moeder blijft haar racefiets haar trouwe vervoersmiddel. Het verschil met de huidige ‘fitgirls’ is dat Serenata’s push-ups privé zijn. Ze identificeert zich niet met een bepaalde sport, haar ideale hardlooproute is compleet uitgestorven en tijdens haar fietsrondjes is haar humeur meteen verpest als ze een andere fietser ziet. Waar fitgirls ieder rondje delen via Strava en Instagram, is Serenata in haar element op een onbewoond eiland waar niemand haar sportieve bezigheden opmerkt. Eenzaam in haar sportverslaving en daarmee prima tevreden; totdat haar knieën het van ouderdom begeven. Haar identiteit is verloren en tot overmaat van ramp vat haar man Remington het idee op om te beginnen met extreme triatlons.

‘A recipe for disaster’, zouden de Amerikanen zeggen en zo doet De weg van de meeste weerstand ook aan: een luchtige Amerikaanse roman waar man en vrouw tegenover elkaar komen te staan door een sport die hen juist zou kunnen verbinden. Remington brengt zijn hele ambtenaarsbestaan zittend door en juist nu Serenata het niet meer kan, zoekt hij de randjes van het extreme op. Hij loopt een marathon – waaraan hij bijna bezwijkt -, sluit zich aan bij een clubje sportverslaafden en neemt een jonge coach in de armen die Bambi heet. Naast ‘tri’, zoals trialeten hun sport liefkozend noemen, is Bambi’s grote passie Serenata het leven zuur maken. Intussen besteed Remington zijn hele vermogen aan een aerodynamische fiets, dure sportvoeding en magnesiumtabletten. Na iedere training komt hij meer dood dan levend thuis, waarna hij verwacht dat Serenata voor hem en de gehele tri-club een maaltijd op tafel zet. Zijn hele leven staat nu in het teken van voorbereiding op de hele triatlon: bijna 4 kilometer zwemmen in open water, 180 kilometer fietsen en daarna een hele marathon rennen.

Om te weten hoe Remington het zal vergaan, moet u De weg van de meeste weerstand zelf lezen. Wel kan ik meegeven dat de roman de moeite waard is voor zowel de sporter als de bankhanger, aangezien ook thema’s als familieproblemen, racisme en vergankelijkheid worden aangesneden. Lionel Shriver mengt zich graag in het publieke debat, zowel in haar romans als in de media. Ze is fervent tegenstander van ‘geforceerde diversiteitsdrang’ en laat dit in haar roman onder meer naar voren komen doordat Serenata als stemactrice geen zwarte personages meer na mag doen. Vermakelijk passages, die de lastige vraag of het aan een witte vrouw is om zich uit te spreken over dergelijke kwesties toch ook oproept. Een eenvoudige Google-search leert dat de Amerikaanse schrijfster, die in Engeland woont, zich fel keert tegen de lockdown en positieve discriminatie ‘antiliterair’ noemt. Ze heeft duidelijk niets met fluwelen handschoentjes. Desalniettemin is De weg van de meeste weerstand humoristisch geschreven en leest het gemakkelijk weg. Het nadeel is dat het wat aan de oppervlakte blijft en dat de vertaling soms ongemakkelijk is.

Uit protest zou u dit boek op de bank moeten lezen in het gezelschap van een grote zak chips en een reep chocolade. Toch blijk ook ik te bezwijken en voel ik me na het lezen van Serenata’s sportieve uitspattingen verplicht om een rondje te rennen. Het waait keihard en ik heb er de pest in. Totdat ik halverwege omkeer om met wind mee naar huis te vliegen. Eenmaal thuis voel ik me uiteraard euforisch. Ik klik meteen het volgende triatlon-boek in mijn winkelmandje: Geen zee te hoog van Els Visser, die een schipbreuk overleefde en zo een van Nederlands’ beste triatleten werd. Ook een aanrader dus, als u stiekem toch gegrepen bent door de sportgekte.

Uitgeverij      Atlas Contact, 2020
Pagina’s       365
Vertaald        uit het Engels door Karina van Santen en Marian van der Ster  (The Motion of the Body Through Space)
ISBN             978 9025 458 997

Recensie door Lieke Polak, mei 2021

[1] https://www.volkskrant.nl/mensen/sporten-moet-leuk-blijven-toch-de-delicate-balans-tussen-presteren-en-plezier-onderzocht~b81be132/, geraadpleegd op 3 mei 2021.

Share

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress