Nieuwsbrieven

April nieuwsbrief

Beste leensters, leners en andere belangstellenden,

“Diversity is being invited to the party, inclusion is being asked to dance.”
Deze uitspraak kwam ik tegen toen ik op zoek was naar meer informatie over de promotie in de ‘moderne en hedendaagse literatuur’ (MA) van Sophie van den Elzen. Diversiteit en inclusiviteit zijn belangrijke en actuele thema’s geworden in onze samenleving, en binnen de vrouwenbeweging(en). Vrouwen zijn nog steeds bezig met het verkrijgen van een gelijkwaardige en gelijkgerechtigde positie, dichtbij huis en in de samenleving. De manier waarop ze dit doen, nu en in het verleden, verdient niet altijd de schoonheidsprijs. Dit lijkt ook te spreken uit het proefschrift van de Utrechtse promovenda Antislavery in the Transnational Movement for Women’s Rights1832-1914: A Study of Memory Work.

Sophie van den Elzen laat zien hoe de vroege vrouwenbeweging strategisch gebruik maakte van de geschiedenis van de slavernij. Aan de hand van archieven en met behulp van digital humanities-technieken deed ze onderzoek naar de opkomst van de vrouwenbeweging in de 19e eeuw. Ze reconstrueerde hoe Europese vrouwenrechtenactivisten zich selectief voorstellingen en verhalen uit de antislavernijbeweging hebben toegeëigend, en hoe ze deze hebben verspreid en aangepast aan de politieke en interne behoeften van de beweging.
Destijds ontstond in romans, tijdschriften, kranten, brieven en geschiedschrijving langzaam maar zeker een grensoverschrijdend feministisch discours. Één ding viel daarbij op: de vele verwijzingen naar het slavernijverleden. Door sommigen werd gesteld dat ze de vrouwenbeweging liever onder de noemer van het abolitionisme zouden scharen dan van het feminisme. In feministische romans werden ook argumentaties voor de emancipatie van slaafgemaakten en van vrouwen vervlochten. Sophie van den Elzen: “In dit soort romans kunnen we de ontwikkeling van feministisch gedachtegoed en gevoel van gedeelde identiteit waarnemen, nog voordat zich een succesvolle beweging ontwikkelde; en we zien erin ook de ontwikkeling van blinde vlekken, bewust of onbewust.”
Opiniemakers in het feministische discours haalden de geschiedenis van de slavernij aan om vergelijkingen tussen het lot van de slaafgemaakte en de vrouw te trekken en de rol van witte vrouwen in de antislavernijbeweging te benadrukken. In de loop van de eeuw benadrukten ze ook steeds vaker dat de politieke emancipatie van de witte vrouw voorrang verdiende op die van zwarte mannen en vrouwen. De culturele herinnering aan het slavernijverleden van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk werd overgenomen door Franse, Duitse en Nederlandse feministen. Zo ontstond er, door het gebruik van verwijzingen naar slavernij en abolitie, een hechte, maar ook exclusieve transnationale vrouwenbeweging. Ze bleven verbonden via gedeelde verhalen en argumenten die in brieven, tijdschriften en bijeenkomsten verspreid werden. (bron: uu.nl)
Artikel in de NRC hierover: https://www.nrc.nl/nieuws/2021/03/26/19de-eeuwse-feminist-streed-ook-tegen-slavernij-a4037427

Een mooie overstap gaat naar Our Native Daughters, waar Jonna maakte me onlangs attent op maakte. Op het leed van de zwarte vrouw tijdens de Amerikaanse slavernij rust nog steeds een taboe. De Afro-Amerikaanse folkartieste Rhiannon Giddens boog zich over obscure verhalen uit die periode, vol mishandeling en seksueel misbruik door slaveneigenaren. Met drie collega-zangeressen vertaalde zij dit naar het elementaire Afro-Amerikaanse folkalbum Songs of Our Native Daughters. Alle vier spelen zij hierop banjwo, een instrument dat zijn oorsprong vindt in Afrika. Soul, bluegrass en blues liggen dicht bij elkaar in bewerkingen van slavenliederen en traditionals en ook een nummer van Bob Marley (Slave Driver). De schrijnende thematiek komt tot uiting in doorleefde samenzang terwijl de leadvocalen worden gedeeld. Songs Of Our Native Daughters toont de vrouwelijke kracht met aangrijpende songs en evenredig bezielde bijdragen van de vier artiestes. Een antwoord van Afro-Amerikaanse muziekmakende vrouwen op hun verhalen en positie.

Onlangs uitgebrachte titels
– Joke van Leeuwen is een heel divers schrijfster. Ze schrijft romans, gedichten en kinderboeken, en is tekenaar en performer. Mijn leven als mens is een volgende  roman: “Gisteren ben ik doodgegaan, onverwacht en banaal, met mijn hoofd op een harde tegelvloer die een optische illusie vormt van kubussen.” Zo begint de achttienjarige Dinka vanuit het hiernamaals te vertellen. Al meteen komt ze daar haar bij de geboorte overleden tweelingzusje tegen, dat ze altijd heeft gemist. Samen zien ze hoe Dinka’s korte leven verliep, in de schaduw van haar dode zusje en op de drempel van de nieuwe eeuw. Hoe ze verliefd wordt op Mier, een werelds meisje met een onstabiel verleden. Beide hebben net wat verschillende verwachtingen van ’de liefde’, en Dinka ’moet’ leren om ook alleen te zijn.
 “In haar nieuwe roman, Niet ik, beschrijft Yolanda Entius  een dwangmatige verliefdheid die ze zelf heeft gekend. Autofictie dus. Nu put iedere schrijver uit haar/zijn eigen leven (je moet het immers altijd met je eigen brein doen), maar niet alles wat doorleefd is, levert een even goed verhaal op dat op eigen benen kan staan. Niet ik kan het echter prima stellen zonder kennis van de autobiografische achtergrond van de auteur.” (bron: tzum-website). Als jong meisje was Lena ervan overtuigd dat het leven als ze het ouderlijk huis verlaten had, mooier, warmer, beter zou zijn; dat moest haast wel. Maar eenmaal op kamers komt haar nieuwe leven nauwelijks van de grond. Ook op de Toneelschool wil ze maar geen vleugels krijgen. Dan maakt Dimitri zijn entree, die alles is wat zij niet is. Niet ik draait om Lena’s ontwikkeling als vrouw, langs diverse stadia waarin ze al opgroeiend is gevormd.
De eerste vrouw is, na Kintu, de 2e epische roman van Jennifer Nansubuga Makumbi en gebaseerd op het Oegandese scheppingsverhaal van de eerste vrouw. De eigenwijze Kirabo groeit op bij haar grootouders op het platteland van Oeganda. Ze wordt omringd door sterke vrouwen – haar grootmoeder, haar vele tantes en haar beste vriendin – maar ze voelt toch het gemis van de moeder die ze nooit heeft gekend. Wie is de vrouw die haar op de wereld heeft gezet? Hoewel haar familie haar wanhopig in bedwang probeert te houden gaat ze op zoek naar antwoorden. Deze zoektocht brengt haar bij Nsuuta, een vrouw die buiten de gemeenschap staat en haar niet alleen meer kan vertellen over haar verdwenen moeder, maar ook verhalen met haar uitwisselt. Ze leert Kirabo dat de rebelse kracht die in haar schuilt een eigenschap is van ‘de eerste vrouw’. De eerste vrouw, die onafhankelijk en vrij was, maar die zich eeuwenlang heeft moeten aanpassen. Kirabo zoekt naar haar eigen plek op de wereld, en reist van het veilige nest van haar grootouders naar het onbekende, luxe huis van haar vader in de hoofdstad Kampala. Op de achtergrond wordt haar land geteisterd door de bloedige dictatuur van Idi Amin en lijkt de wereld almaar ondoorgrondelijker te worden.
– Een VPRO-boekentip: “‘Ik ben toch wel blij dat je toegeeft dat ik gelijk had wat betreft het goed gebruiken van de kaasschaaf’. Een onschuldige opmerking, zo op het eerste gezicht, maar dan ken je de vader van Lot nog niet. In Een opsomming van tekortkomingen, de uitstekende debuutroman van Ine Boermans, leren we hoe Lot, amper twintig, psychisch in de kreukels ligt na de plotselinge dood van haar flamboyante moeder. Maar het is vooral de relatie met haar manipulatieve, narcistische vader die de motor van dit wrang-geestige verhaal vormt. Boermans balanceert knap tussen luchtigheid en beklemming in deze roman, die zowel monument als afrekening is. De Nederlandse literatuur is met de vader van Lot een memorabele klootzak rijker.”
– Diane Broeckhoven werd geboren in Antwerpen, maar woonde ook 30 jaar in Nederland. Ze schrijft voor kinderen en
volwassenen, en op een indringende manier over taboedoorbrekende onderwerpen. In De souffleur haalt Susanne (66) de voorpagina van de streekkrant met de hoogste zonnebloem van de tuinwijk. Enkele dagen later vindt ze op haar deurmat een kaart met de zonnebloemen van Van Gogh en een onbekend telefoonnummer. Als ze het nummer na lang aarzelen belt, herkent ze meteen de stem die haar terugvoert naar het schooljaar waarin ze zestien werd. Het jaar waarin haar vader – regisseur bij een amateurtoneelgroep haar tot zijn assistente benoemt, waarin ze kennis maakt met haar overleden zusje en waarin een aanbeden klasgenoot voor iemand anders kiest. Maar vooral het jaar waarin de souffleur, Onno, ongekende gevoelens in haar wakker maakt, waardoor ze zo broos en breekbaar wordt als het Glazen speelgoed uit hun toneelstuk. Ze besluit de hoogbejaarde Onno op te zoeken in Huis Parkzicht.
– Amélie Nothomb is de schrijversnaam van de Franstalig Belgische jonkvrouw Fabienne Claire Nothomb. Haar verhalen zijn vaak kort en fantasievol en lijken op sprookjes, maar dan met een duistere en ironische ondertoon. In haar nieuwe roman Luchtschepen geeft de 19-jarige studente Ange geeft bijles aan Pie, een 16-jarige scholier met een afkeer van boeken, maar een passie voor wapens en zeppelins. Ange wordt geacht deze boekenhater de liefde voor lezen bij te brengen. Dankzij haar verfrissende aanpak draait de jongen snel bij en samen struinen ze niet alleen heel Brussel af, maar voeren ze prachtige gesprekken over literatuur en het leven. Pie valt onvermijdelijk als een blok voor Ange, maar dat heeft onverwachte gevolgen…  Een liefdesverhaal.
– In Canis stelt Eva de Gelder vragen als ‘Wat maakt ons tot mens?’ en ‘Waarin onderscheiden we onszelf van de ‘inferieure’ dieren?’ Het verhaal gaat over wolvin Naya, die op 1 januari 2018 voor het eerst in België wordt gesignaleerd, in het aanbrekende Chinese jaar van de hond. Een jonge Brusselse klampt de gebeurtenis aan als een nieuw houvast in haar leven, op een moment dat al haar oude zekerheden verdwenen zijn. Naya, als symbool voor de vele eenzaten in deze wereld, wordt langzaamaan méér dan een dier. De wolf wordt een cynische goeroe die ons naamloze hoofdpersonage vergezelt in haar wandelende overpeinzingen door de Belgische hoofdstad, terwijl haar gedachten heen en weer schommelen tussen dood, liefde en drugs tot Tinder en eenzaamheid. Over dit romandebuut wordt opmerkelijk goed geoordeeld.
– Heel verschillend daarentegen wordt er geoordeeld over de nieuwe roman van Emma Curvers. Haar debuutroman uit 2014 Iedereen kan Schilderen, over een disfunctioneel gezin, leidde tot een (gewonnen) rechtszaak met haar vader die zich aangevallen voelde door het boek. Haar nieuwe roman Melktanden gaat over een machtsstrijd tussen drie vrouwen, die alle drie hun eer proberen te redden, en lijkt ook een basis te hebben in een disfunctioneel gezien. Met als achterliggende vraag hoe weinig weerbaar, brossig en groen (late) twintigers zijn? Het verhaal gaat over Lon, die het allemaal voor elkaar heeft. Ze heeft een vriend, een robot-stofzuiger, een hond en een huis. De muren zijn pas geverfd en het ruikt er naar mogelijkheden. Totdat alles voor haar vriend Philip helemaal niet zaligmakend blijkt te zijn. Voor ze het weet zit ze tegen haar zin in een open relatie, met hem en Xenia. Maar ze laat het niet over haar kant gaan.
– De Duitse schrijfster Iris Hanika (1962) publiceerde verschillende romans, waaronder in 2010 Het eigenlijke, onderscheiden met o.a. de Literatuurprijs van de Europese Unie. ‘Het eigenlijke’ is voor iedereen iets anders. Hans Frambach, een Berlijnse archivaris, is geobsedeerd door het naziverleden van zijn land. Zijn levenswerk bestaat uit het catalogiseren en verwerken van de herinneringen van overlevenden van de Holocaust. Deze taak is zo hartverscheurend en allesverslindend dat Hans zich geen leven meer zonder ellende kan voorstellen. Toch begint hij aan de noodzaak van zijn ongelukkig voelen te twijfelen. Zijn goede vriendin Graziela zoekt het ‘eigenlijke’ in seksuele begeerte. Wanneer zij een tumultueuze liefdesaffaire beëindigt, probeert Hans een grens te trekken tussen de erfschuld van zijn land en zijn eigen ongelukkig voelen. Iris Hanika laat zien hoe de misdaden van het verleden ons tot op de dag van vandaag in hun greep houden, en tot welke absurditeiten de professionalisering van het herdenken kan leiden.

Poëzie
– Kristin Verellen debuteerde als dichter met Waar blijf ik met dat licht van mij. Daarin staat haar poëzie zij aan zij met foto’s van haar man Johan Van Steen die overleed in de aanslag van Brussel op 22 maart 2016. In Meer dan ik laat ze haar nieuwe gedichten en tekeningen in dialoog gaan met verzen uit de Upanishads: spiritueel-filosofische teksten van lang geleden die aan de grondslag liggen van filosofie, wetenschap, spiritualiteit en yoga in Oost en West. Beide stellen de vraag naar de relatie van het ik met alles wat is. Wie ben ik? Wat is de aard van de wereld? Waaruit bestaat geluk, vervulling en vrijheid? Nu zoals toen is er het verlangen naar een ruimer bewustzijn, de ervaring dat we diep verweven zijn met elkaar, met alles, altijd.
– Over de dichtbundel Iedereen moet ergens zijn vanTjitske Jansen: “Het moment dat een kind opeens weet: ik besta. Weinigen weten de taal te vinden om die ervaring op te schrijven; Tjitske Jansen kan dat. Kraakhelder: ‘Als elfjarige kwam ik op een middag de trap af en wist ik dat ik er was en er niet meer zomaar niet kon zijn. Ik bestond. Daar had ik zelf niet zoveel over te zeggen.’ Zoals uit de titel zowel vervreemding als aanvaarding spreekt, zo is de ‘ik’ even ontredderd als wijs, even verward als begripvol. Die ‘ik’ is een kind dat zich vragen stelt. Over opgroeien, over haar lichaam, over God, over pleegouders, over de fietsenmaker, over zekerheden van anderen, over de tijd. ‘Ik was bijna tien. Dat was snel gegaan. Ik was dus eigenlijk al bijna twintig, dertig, veertig, vijftig, zestig, zeventig, tachtig.’ Zo dreigend kan het besef van de eindigheid zijn. Zo onontkoombaar kun je dat opschrijven.”

Verhalen
– De verhalen in Inventaris van enkele verliezen van Judith Schalansky hebben verlies als thema. In een ‘Brief aan mijn lezers’ schrijft ze: “Waarom voelen we pas op het moment dat iets onherroepelijk verloren is gegaan, wat het voor ons heeft betekend? Waarom kan iets wat verzwegen wordt zo’n macht uitoefenen? Waarom kan ik niets weggooien? Waarom lijken uitgestorven diersoorten, vernielde schilderijen en verbrande boeken me zo veel interessanter en begerenswaardiger dan alles wat nog wél bestaat? Het waren vragen die in mij het verlangen opriepen om een soort catalogus van verliezen op te stellen, ja, een lijst van wat dingen waarvan we weten dat ze ooit bestonden, maar die er niet langer zijn. Want iets wat verloren gaat, verandert van iets feitelijks in iets fictiefs. En daar komt het vertellen om de hoek kijken; vertellen is de poging om het wezen van wat er niet meer is voor de geest te halen. Een boek is daarbij de beste en mooiste plek om iets in te bewaren. Een boek dat louter dingen die ik mis verzamelt en ‘vertelbaar’ maakt. Een treur- en  troostboek.”
– Het water vangen is de debuutbundel van Lies Gallez. De verhalen erin zijn speels en zwierig, licht en zwaar, en de personages passen altijd net niet in de wereld die ze bewonen. Een jonge vrouw is ervan overtuigd dat ze zwanger is van een dolfijn, Adorabelle hoort de tweede oerknal, die in haar oor verder echoot, een meisje vermoordt per ongeluk haar kip en de jonge asielzoeker met buigzame hoop is nergens veilig. De verhalen zijn heel divers en geven vaak een surrealistisch gevoel alsof je wakker wordt uit een droom.

Non-fictie
– Bettine Vriesekoop was ooit 5-voudig Europees kampioene tafeltennis, en werd later schrijfster, journaliste en presentatrice. In Het China-gevoel van Pearl S. Buck deelt ze haar fascinatie voor deze Amerikaanse schrijfster met de lezer, en zoekt zij bij haar naar de kern van het China-gevoel. Beide westerse vrouwen hebben China van binnenuit hebben leren kennen: Pearl Buck in de eerste decennia van de 20ste eeuw, en Bettine Vriesekoop sinds de jaren zeventig. Pearl Buck kwam in China als dochter van een zendeling die vooral de arme boerenbevolking wilde bekeren. Opgroeiend tussen de Chinezen gaf dat haar een unieke blik op het toentertijd in het westen volstrekt onbekende land. Daarover schreef zij later zo overtuigend dat ze de eerste vrouw was die de Pulitzerprijs ontving voor haar boek De Goede Aarde (1932). Later won ze ook als eerste Amerikaanse vrouw de Nobelprijs voor Literatuur (1938). Vlak ervoor moest zij China verlaten om er nooit meer te kunnen terugkeren. Haar succes bracht haar ook veel media-aandacht, die ze o.a. gebruikte om de haar mening te laten horen over de positie van vrouwen en racisme in de VS.
– Met Bloed. Een vrouwengeschiedenis deel 1 begint de autobiografische vertelling in drie delen van waarschijnlijk Nederlands bekendste verloskundige én schrijfster Beatrijs Smulders. We leren haar kennen als meisje, verloskundige en minnares. Duizenden vrouwen hebben haar hun geheimen toevertrouwd, ze heeft ze bijgestaan op een keerpunt in hun leven. Ze schrijft over een levenslange zoektocht naar seks en liefde, en naar de geheimen van het vrouwelijk lichaam. Van puberteit tot moederschap, door de overgang, naar het gezichtspunt van een vrouw die op haar leven kan terugkijken. In dit eerste deel dat zich afspeelt van begin jaren 50 tot in de jaren 80, ontdekt de jonge Beatrijs haar lichaam en haar seksualiteit. Haar nieuwsgierigheid naar het vrouwenlichaam en de voortdurende dreiging van misbruik leidt haar naar de studie Verloskunde. De vagina wordt haar kantoor.

Activiteiten in Utrecht en daarbuiten:
Nog in maart: in de serie Studium Generale & de Bieb is er op 30 maart een gratis online lezing over Frankenstein van Mary Shelley. Eén roman die eigenlijk vier verhalen in één is: een allegorie, een fabel, een briefroman en een autobiografie. Én Mary Shelley vond met haar klassieker het sciencefictiongenre uit. Waarom is het verhaal over een monster en zijn maker tot op de dag van vandaag zo populair? Wat maakt Mary Shelley tot een feministisch icoon? Mediawetenschapper dr. Dan Hassler-Forest legt uit wat deze roman ons vertelt over mens-zijn. En hoe het boek verschilt van de vele verfilmingen en andere bewerkingen.
Meer info: https://www.uu.nl/agenda/sg-mary-shelley-frankenstein
– In dezelfde serie is op 20 april een lezing over Pride and Prejudice van Jane Austen door dr. Barnita Bagchi (literatuurwetenschap). Zij zal uitleggen waarom Pride and Prejudice zoveel meer is dan een romantisch verhaal voor alle leeftijden. Veel mensen kennen het verhaal vooral van de films over de familie met vier dochters. Maar de echte tekst is een scherpe satire over de liefde, het huwelijk en zich aanpassen. Hoe interpreteerden lezers het boek toen het net uitkwam? En waarin verschilt dat van hoe we het nu lezen? Barnita Bagchi wordt gezien als een internationale autoriteit op het gebied van schrijvende vrouwen en de culturele geschiedenis van de vorming van vrouwen.
– Op 7 april gaat de 4e (online-)aflevering van De naaikrans (zie ook februari-nieuwsbrief) over Handwerken, Mythologie en Spiritualiteit. In deze Naaikrans kom je van alles te weten over vrouwen en handwerken in sprookjes en mythen, en hoe handwerken ons in verbinding kan stellen met diepe intuïties en oerkrachten. Tegelijkertijd leer en oefen je een reparatietechniek.
Meer en leuke uitgebreide info: https://atria.nl/agenda/de-naaikrans-4-handwerken-mythologie-spiritualiteit/
Op 28 april is de 5e en laatste aflevering van De Naaikrans: Creabea of Genie? Handwerken en kunst. Deze keer kom je meer te weten over vrouwen en handwerken in de kunst. Ook nu leer en oefen je een (andere) reparatietechniek. En ook hier is de informatie op de website van Atria heel leuk en informatief: https://atria.nl/agenda/de-naaikrans-5-creabea-of-genie-handwerken-en-kunst/

Bibliotheeknieuws:
– Deze maand zal de bibliotheek op de aangegeven tijden open zijn voor het ophalen en terugbrengen van boeken. Uitzoeken van boeken kan via de catalogus of bijv. via de recensielijst. Als je je leenwensen via info@vrouwenbibliotheek.nl laat weten, dan worden de boeken voor je klaar gelegd. Laat ook weten als je behoefte hebt aan suggesties e.d. Mocht er komende weken hier iets in veranderen, zullen we dat via de website laten weten.
– De poêziegroep en de leesgroep zorgen nog steeds voor aangepaste bijeenkomsten.

Nieuwe boeken in de bibliotheek
Tot op de dag van Mardjan Seighali, Verwachting van Anna Hope, Naar Lillehammer van Vonne van der Meer, Prooi van Ayaan Hirsi Ali, De trooster van Esther Gerritsen en nog een aantal wat minder recente giften.

Nieuwe recensies van deze maand als link bijgevoegd:
https://vrouwenbibliotheek.nl/2021/03/06/schemerland-door-berthe-spoelstra/
https://vrouwenbibliotheek.nl/2021/03/11/kintu-door-jennifer-nansubuga-makumbi/
https://vrouwenbibliotheek.nl/2021/03/15/er-is-geen-ander-zijn-dan-anders-zijn-door-barber-van-de-pol/
https://vrouwenbibliotheek.nl/2021/03/18/de-spiegel-en-het-licht-door-hilary-mantel/
https://vrouwenbibliotheek.nl/2021/03/23/mijn-lieve-gunsteling-door-marieke-lucas-rijneveld/
https://vrouwenbibliotheek.nl/2021/03/27/wat-ze-zeiden-door-miriam-toews/

De leenbijdrage voor 2021 is opnieuw vastgesteld op € 26,-. Je kunt hiervoor onbeperkt boeken lenen en/of vriendin/vriend van de bibliotheek zijn.
Iedereen die boeken leent en/of wil gaan lenen wordt vriendelijk verzocht dit bedrag over te maken op banknummer NL71 INGB 0009 2669 95 ten name van Stichting Es Scent ovv naam en ‘leenbijdrage 2021’. Meer overmaken om de vrouwenbibliotheek extra te ondersteunen mag natuurlijk altijd. Eenmalig een boek lenen kan ook. De bijdrage hiervoor is € 1,- per boek, met een startbedrag van € 5,- per kalenderjaar.

Op www.vrouwenbibliotheek.nl is meer informatie over de bibliotheek te vinden en veel recensies, de nieuwsbrief is ook te lezen via onze website.

Marjolein Datema                                                                                               Utrecht, 28 maart 2021

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress