Recensies

‘Levenslicht’ door Silvia Avallone

De roman Levenslicht speelt zich af in Bologna, een grote Noord-Italiaanse stad met vele gezichten: verpauperde achterbuurten, maar ook middeleeuwse monumentale gebouwen, theaters, musea en dure winkels.

Een van de hoofdpersonen is het 17-jarige meisje Adele. Ze woont samen met haar moeder Rosario en zusje Jessica in een van de armoedige Vermicelli torenflats. Haar vader zit sinds zeven jaar in de gevangenis. De beschrijving van het meisje en haar ‘struggle’ voor een vrolijke jeugd wekt bij lezing veel sympathie op. Ze blijft naar school gaan, hoewel veel leeftijdgenoten al afgehaakt zijn door armoede en criminaliteit. Ze heeft lol met haar vloggende vriendinnen en wordt leuk gevonden door de straatjongens. Maar dan wordt ze zwanger van de criminele, drugs dealende Manuel. Hoewel ze verliefd op hem is, beseft ze na enige teleurstellingen over zijn houding, dat ze van hem geen hulp als partner en als ouder kan verwachten. Manuel wil geen verantwoordelijkheid nemen, noch voor haar, noch voor een kind. Daarom besluit Adele – ook enigszins onder druk gezet door de verloskundige, die haar keer op keer vraagt of ze klaar is voor het moederschap – haar baby af te staan ter adoptie. Dat valt haar moeilijk.
Na de bevalling gaat het boek terug in de tijd, als het ware om begripvol uit te leggen, hoe Adele in zo’n moeilijke situatie terecht is gekomen. Haar vader Adriano komt uit de gevangenis, maar Adele is, evenals haar moeder te slim om hem te vertrouwen.
Toen kwam Rosario de voordeur uit; ze ging op weg naar haar werk. Adriano zag die vrouw met haar tas; sjofel met haar haren rommelig bijeengehouden door een oranje klem. Even voelt hij zich verantwoordelijk, schuldig….. Maar een man is niet gemaakt om te blijven, ook al heeft hij een hart. ‘Ik kom zondag terug,’ stamelde hij. Een man is niet ontworpen om de rol van vader te spelen. Adele en Jessica keken hem na. Ze bleven daar staan met die belofte in hun handen. …..Ze zouden hem pas na drie maanden terugzien.” (pag. 279)

Als ‘tegenpool’ maken we kennis met het echtpaar Fabio en Dora. Deze dertigers zijn wel geslaagd in het leven. Fabio werd als dik kind vroeger wel gepest, maar is opgeklommen tot een succesvolle architect. Ze hebben veel geld en wonen in de chique buurt. Echter; Dora mist vanaf haar geboorte een been en blijkt onvruchtbaar. Zij kan niet met kinderloosheid leven en legt zich obsessief (ze slaat zelfs zwangere vrouwen) toe op het toch krijgen van een kind. Hun huwelijk lijkt van het begin af aan al meer op een verstandige overeenkomst dan op een verbintenis uit liefde. Fabio vlucht regelmatig een tijdje naar andere vrouwen, zoals naar de mooie oppervlakkige Emma, die op dezelfde middelbare school zat.
Fabio miste het dagdromen. Vrijen op de oever van het kanaal; de ijskoude mist die in je kont beet. En totaal geen zorgen, geen vruchtbaarheidskalender. Als zwerfhonden; hij en Emma – niet hij en Dora –ronddwalend op zoek naar een hoekje, waar ze tegen elkaar konden klaarkomen. In de zomer vol muggen, in de winter bedekt met rijp. Primitief, onbezorgd. Niks te maken met spermaonderzoeken.” (pag. 56)

De overstap van de hoop op een eigen kind naar adoptie is moeilijk voor (het milieu van) Fabio. Hij kan zich niet voorstellen, dat hij aan zijn familie en vrienden zou moeten vertellen, dat hij vader is geworden van een Russisch of chinees kind en dat zijn vader dan zou zeggen, dat ze hun erfenis dan aan een onbekende moeten nalaten.

Ook het leven van Manuel wordt met empathie beschreven. Zijn moeder werd mishandeld door zijn vader, die als junk op straat leeft. Uiteindelijk rekent hij met zijn vader af. Vroeger trok hij samen op met zijn stille buurjongen Zeno. Omdat Zeno naar het gymnasium ging, voelt Manu zich in de steek gelaten. Zeno, die schrijver wil worden, schrijft een boek over het gezin Rosario en wordt verliefd op Adele. Hij accepteert wel haar zwangerschap en blijft ook zijn invalide moeder helpen.

In treffend gekozen bewoordingen wordt de rauwe werkelijkheid van de onderste klasse van alleenstaande moeders en hun kinderen beschreven, maar de beschrijvingen zijn hoopvol. Het is een kwestie van vallen en opstaan en van sterke vrouwen en meiden, die uiteindelijk de juiste beslissingen nemen. Dan is er ook weer vrolijkheid en samenzijn, zonder dat de schrijfster in de valkuil van een smartlap, valt. (een nieuwe baby lost geen problemen op)

Een paar kanttekeningen:
Het manische gedrag van Dora t.o.v. het al dan niet hebben van een baby komt jammer genoeg wat ongeloofwaardig over. Daarentegen wordt de adoptieprocedure met humor als een idiote bureaucratische procedure beschreven met hilarische effecten. De tijd, plaats en het perspectief van (misschien iets te veel) hoofdpersonen, wisselt bijna per pagina. Daardoor leest het soms wat rommelig.

Silvia Avallone weet duidelijk wel waar ze het over heeft, zoals ze over de leefwereld schrijft van mensen, die iedere dag opnieuw hun bestaan moeten verwerven. Levenslicht is een mooie roman over meiden en vrouwen, die niet zo vaak in het licht staan.

Uitgeverij            De Bezige Bij, 2018
Pagina’s              413
Vertaald              uit het Italiaans door Manon Smits (Da dove la vita è perfetta)
ISBN                   978 9403 106 502

Recensie door Ammy Langenbach, december 2020

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress