Recensies

‘De hofdame’ door Anne Glenconner

Anne Glenconner was van 1971 tot 2001, dus 30 jaar, hofdame van de Britse prinses Margaret. Ze hadden veel gemeen: beiden werden geboren aan het begin van de jaren ‘30 van de vorige eeuw. Ze waren allebei van adel of hoger (Anne was dochter van de 5e graaf van Leicester en Margaret een hoge royal).  De vader van Anne Glenconner was adjudant van de hertog van York, voordat die plots koning werd. De moeder van de schrijfster was, af en aan, een hoge hofdame aan het hof van koningin Elizabeth. Hun kinderen speelden met elkaar. Beiden trouwden begin jaren ’60 beneden hun stand, hadden ongemeen moeizame huwelijken en lieten hun kinderen opvoeden door nanny’s, gouvernantes en op kostscholen.

Vrouwen geboren in adellijke families erfden geen titels en geen landgoederen; die gingen naar de zonen, hun broers of naar neven. De taak van de meisjes was goede huwelijken te doen. Liefst een man van hogere adel en met veel geld. Niet om goede huwelijken te hebben. Dat was een bijvangst die voor maar weinig meisjes was weggelegd.

Het contact van Anne en Margaret bleef bestaan. Uiteindelijk noemt Anne Glenconner het ‘een levenslange vriendschap’ .

Tot 1971 is het boek het levensverhaal van Lady Anne Glenconner, geboren Coke. De ondertitel van dit boek luidt: Mijn bijzondere leven in de schaduw van de Britse kroon. Beschreven wordt haar geboorte, haar voorouders, haar ouders, hun landgoed Holkham Hall in Norfolk aan de Noordzee, hun huizen, hun jacht en landbouw, haar ‘idyllische jeugd’, met twee zusjes, een aardige moeder en een afstandelijke vader, hun adellijke bezoekers (en daarvan de voorouders, ouders, landgoederen, bezittingen, feestjes, etc).

En de oorlogsjaren. Die waren ook voor de familie Coke ingewikkeld. Vader was bij de Schotse Garde en moest naar Egypte en moeder ging mee. In adellijke gezinnen is de echtgenoot vele malen belangrijker dan de kinderen. De kinderen leefden drie jaar bij een oudtante in Schotland, waar het veiliger leek, maar waar geregeld bommen vielen.

Anne Glenconner nam de ideeën over de rangorde van de belangen binnen haar huwelijk over van haar ouders. Iets waar ze later spijt van had. Zij trouwde een man die puissant rijk was. Helaas had zijn adellijke familie hun fortuin een eeuw eerder verdiend door de uitvinding van een bleekmiddel. Dat was niet chic. Deze Colin Tennant, Lord Glenconner was ondernemend. Hij kocht een eiland in de Cariben, Mustique, dat hij ombouwde tot een lustoord voor de ‘Rich and famous’: rijke adel, en dito sportlieden en popsterren. Hij was ook een verwende man die zich, als hij zijn zin niet kreeg, krijsend op de grond kon gooien. Niet romantisch en niet teder voor zijn echtgenote, wel een womanizer: “Het was een aristocratische vloek. Het kwam maar zelden voor dat een huwelijk slechts uit 2 mensen bestond.”

In 1971 werden de tweeling-dochters van Anne en Colin gedoopt. Prinses Margaret tegen de moeder Anne: “Ik hoop niet dat u nog meer kinderen neemt.” Anne: “Beslist niet. Drie jongens en twee meisjes zijn meer dan genoeg.” En de prinses: “Zou U in dat geval niet een van mijn hofdames willen worden?”

Een hofdame van dienst is de verzorgster van koninklijke sociale gebeurtenissen. Margaret maakte als vertegenwoordigster van de Kroon tal van buitenlandse reizen. De hofdame zorgt dat alles soepel verloopt en dat de wensen van Margaret, al voor ze per plaatse is, bekend zijn en geregeld; zoals haar whisky, haar thee, haar soort koekjes, waar de wc’s zijn. Ze stelt een lijst op van mensen die Margaret  gaat ontmoeten met hun hoedanigheden en bijzonderheden. Binnenlands ging het over bezoeken aan ziekenhuizen, scholen, fabrieken, liefdadigheidsorganisaties, voorstellingen, etc.

Tussen de werkzaamheden door was Margaret ongelukkig (echtgenoot Lord Snowdon was een treiterkop), ze verveelde zich, rookte 60 sigaretten per dag en dronk vanaf 12u ’s middags.  Voor Anne liepen de vriendschap en de verplichtingen met Margaret door elkaar. Anne was vaak, zonder kinderen, als goede echtgenote, bij Colin op het eiland, waar hij het grootste gedeelte van het jaar woonde. Zij boden Margaret daar elk jaar de hele maand februari rust, ruimte en aardigheid. Colin organiseerde extravagante feesten. Margaret ontmoette hier vaak haar minnaar Roddy Llewellyn, waar ze acht jaar gelukkig mee was.
Een ding is zeker: Margaret heeft met deze hofdame geboft.
Prinses Margaret stierf in 2001. Het obsessief roken had haar longen verwoest.

Voor The Crown, de Netflix-serie, had Anne Glenconner een gesprek met actrice Nancy Carroll, die de hofdame speelt en met actrice Helena Bonham Carter, die de rol van Margaret heeft en tot grote vreugde van Anne Glenconner een nicht van haar man was. The Crown volgt de grote lijnen van de geschiedenis van het Britse koningshuis maar de gebeurtenissen en de dialogen zijn een keus van bedenker en scenarioschrijver Peter Morgan. Het is fenomenaal hoe die afstandelijke mensen, die weinig zelfinzicht hebben en weinig contact met hun emoties, toch als echte mensen worden neergezet met al hun moeites, verlangens en hun hardnekkig vreemd gedrag. Waarbij Diana en Margaret af en toe de uitzonderingen zijn. The Crown krijgt het voor elkaar dat je met deze mensen meeleeft omdat zichtbaar wordt gemaakt wat werkelijk in hen omgaat.

De Hofdame is in tegenstelling tot The Crown een oppervlakkig boek. De schrijfster benoemt ‘haar lek en gebrek’, maar echt ontroeren doet het niet. Je kunt haar moedig noemen, maar het heeft ook iets van een 302 pagina’s dik roddelblad. Anne Glenconner is vol bewondering en besmuikte opschepperij over een geprivilegieerd bestaan. Privileges, ten koste van wat? Margaret was eenzaam en ongelukkig, en beknot in haar kwaliteiten in dat leven in die fossiele institutie, waarvan de leden veroordeeld zijn tot onzinnige rituelen, niet toegestaan zichzelf te zijn en daardoor niet in staat zich wezenlijk verbonden te voelen.

In haar persoonlijk leven heeft Anne Glenconner met drie van haar kinderen grote drama’s beleefd. Ze is nu 88 jaar en vindt: “dat ik erg heb geboft met mijn fijne familie en met het leven dat ik heb geleid.”

Uitgeverij           AmboAnthos, 2020
Pagina’s            302
Vertaald             uit het Engels door Marja Borg (Lady in waiting)
ISBN                  978 9026 352 270

Recensie door Hannah Kuipers, november 2020

Share

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress