Recensies

‘Sontag. Haar leven en werk’ door Benjamin Moser

Haar leven en werk

Biograaf Benjamin Moser heeft een fenomenale biografie geschreven waarvoor hij zojuist in de VS de Pulitzer-prijs 2020 voor Biografieën kreeg.

Zijn biografie over Susan Sontag (1933 – 2004), internationaal icoon in de 20e eeuw, is een zeer volledig werk, waarbij hij zich baseerde op een gigantische hoeveelheid bronnen en (als eerste) op de dagboeken die Susan Sontag gedurende haar hele leven bijhield.
De Amerikaanse was schrijfster van romans, essays en artikelen en maakte drie films. Haar onderwerpen waren kunst en ‘camp’, pornografie, fotografie, literatuur, politiek fascisme, communisme, lifestyle, feminisme en ziekte (kanker, aids). Ze bewoog zich in alle kringen van mensen die er op haar gebieden toe deden.

Susan Sontag was een kind uit de Joodse middenklasse, de dochter van Mildred en Jack Rosenblatt. Ze had een zus Judith, 3 jaar jonger. Moeder was een mooie vrouw, ambitieus in haar wens om een mondain en rijk leven te leiden. Ze trouwde Jack die een succesvolle internationale bonthandelaar was en voor zijn werk – regelmatig door haar vergezeld – naar China reisde.
Helaas stierf Jack in 1938 in China. Moeder Mildred kwam nooit over zijn dood heen. Ze projecteerde haar wensen om een rijk leven te leiden op haar dochter Susan, die daardoor een moeilijke jeugd had. In de ogen van moeder Mildred deed Susan het nooit goed, al deed ze nog zo haar best. Susan ontwikkelde een liefde/haat verhouding tot haar moeder, die enerzijds wilde dat Susan zou worden wat moeder niet kon afmaken, en anderzijds jaloers was op haar dochter. Moeder verdween elke middag naar haar kamer waar ze de verdere dag bleef drinken; stiekem, maar niet onopgemerkt.
Op 11 jarige leeftijd weet Susan haar levensbestemming. “ ‘Ik word populair….’ schreef ze, ‘ik had in de gaten dat sommige mensen er wel bij horen en andere niet.’
Vanaf dan is alles gericht op ‘erbij horen’. Ze studeert hard om haar levensbestemming waar te maken.

Als Susan Sontag 18 jaar is en studente aan de universiteit van Chicago, trouwt ze met Philip Rieff, professor sociologie, om uit het verstikkende ouderlijk huis te ontsnappen. In 1952 is ze 19 en krijgt ze haar enige zoon David. David komt weinig voor in haar dagboeken, aldus Benjamin Moser, en wat hij over hem schrijft heeft hij van de mensen die Susan en haar zoon kenden en van David Rieff zelf. Susan was enerzijds idolaat van de jongen, maar anderzijds wilde ze vooral dat hij een excellerend kind was en een excellente volwassene, tot meerdere glorie van haarzelf. Ze bracht hem als vijfjarige, na haar scheiding, jaren onder bij vrienden en vertrok naar Europa. Als ze er weer was overlaadde ze hem met haar aandacht en haar eisen en wensen; ze drong hem van alles op en had weinig oog voor wat de jongen zelf wilde. Het was een afwisseling van verwaarlozen en claimen.

Dat Benjamin Moser toegang had tot de dagboeken van Sontag, maakt deze biografie zo uitzonderlijk. Sontag was een naar buiten gerichte persoonlijkheid, bekend en beroemd, vooruitlopend op – en vooroplopend in trends op al haar favoriete gebieden. Dat deel van haar was scherp, intellectueel. Uit haar dagboeken blijkt dat ze innerlijk een ander deel had dat onzeker was, angstig, afkeurend, veroordelend, vol zelfhaat. Ze negeerde haar lichaam, waste zich weinig, kleedde zich nonchalant en had weinig contact met gevoelens. Ze vergat te eten, dronk veel en gebruikte speed. Empathie, meeleven en medelijden kende ze niet. Zelf zei ze over haar binnenwereld dat daar ‘x (de gesel) huisde: ‘Alle dingen die ik haat van mezelf zijn x: dat ik een morele lafaard ben, een leugenaar, dat ik indiscreet ben over mezelf + anderen, dat ik onecht ben en passief.’ Ze was zich voortdurend bewust van haar imago. Hoewel Sontag zeer kritisch was in haar opvattingen over kunst en literatuur, paste dat juist in het beeld dat ze over zichzelf gecreëerd had. Ze leefde in de buitenwereld met een publiek masker, onecht, slechts uit op het continueren van haar bekendheid.Ze had onder schrijvers, kunstenaars en wetenschappers, eerst minnaars en later vaker minnaressen. Dat ze grotendeels lesbisch was, heeft ze publiekelijk nooit gezegd. Dat zou haar imago grondig hebben aangetast.

In deze biografie beschrijft Benjamin Moser de belangrijke 20e eeuwse kunst- en literatuurstromingen (zoals Pop-art, Warhol, Rothko, performances, Sartre, Brodsky), het verloop van de politieke situatie in de VS, Azië en Europa (Vietnam, China, Israel, voormalig Joegoslavië) en de belangrijkste gebeurtenissen in de 20e eeuw, die allemaal invloed hadden op het leven van de Amerikaanse, waarover ze zich opwond en schreef (zoals over WOII, de vrije zestiger jaren, 2e feministische golf, aids).

Een van de grote thema’s in het werk van Susan Sontag die Moser de hele biografie door aanstipt is de kloof tussen een voorwerp en het waargenomen voorwerp, de scheiding van subject en object, van taal en betekenis en vooral van afbeelding versus de realiteit. Ze reageerde heftig op foto’s en metaforen.
Ze heeft daar boeken, talloze essays en artikelen over geschreven, zoals On photography, Illness as a metaphore, Aids as a metaphore. Vooral de laatste werken zijn weer actueel nu we in de Corona-crisis metaforen gebruiken, als ‘we voeren een oorlogsstrijd, Corona is de dood, de vijand van de mensheid, etc.’ en hoe dat onze visie op wat een nieuw en onbekend virus is, bepaalt.
Ook in Nederland was Susan Sontag goed bekend tijdens de jaren van de tweede feministische golf. Haar essays over hoe hard vrouwen werden veroordeeld als ze niet aan het beeld van de vrouw voldeden, over vrouwen en schoonheid en vrouwen en ouderdom, zijn volgens Moser het beste wat ze heeft geschreven.

Benjamin Moser is zelf wat vorm, stijl en perspectief betreft een kunstenaar. Hij houdt de tijdslijn van Susan Sontag goed vast, wat ongelooflijk knap is in de veelheid van gegevens. Hoewel het voor de lezer ondoenlijk is om alles en iedereen te onthouden, is de biograaf meesterlijk in staat om voor het feitelijke en het alledaagse steeds een dieper niveau te creëren, waardoor het verhaal blijvend interessant is.

Uitgeverij      De Arbeiderspers, 2019
Pagina’s        736, inclusief bedankjes, noten en bibliografie.
Vertaald        uit het Engels door Lidwien Biekmann en Koos Mebius (Sontag. Her life and work)
ISBN              978 9029 539 784

Recensie door Hannah Kuipers, mei 2020

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress