Recensies

‘De engel van het vergeten’ door Maja Haderlap

“De engel van het vergeten zou weleens vergeten kunnen zijn de sporen van het verleden uit mijn geheugen te wissen. Hij heeft de zinnen in mijn hoofd tegen ronddrijvende wrakstukken en scherven aan laten botsen om ze te verwonden, om ze scherper te maken. Hij heeft de engelenplaatjes boven mijn kinderbed voorgoed verwijderd. Hij zal in de boeken verdwijnen. Hij zal een verhaal zijn.”

Mic is het meisje om wie het verhaal draait: haar belevenissen, haar familie, haar gedachten en emoties. Ze woont met haar grootmoeder, ouders en broertje, koeien, kippen, varkens en hond Piko op een boerderij in het grensgebied tussen Oostenrijk en Slovenië. Ze observeert en registreert de gebeurtenissen om haar heen op de boerderij, die grootvader in 1927 heeft gekocht en waar nu grootmoeder hoofd van het gezin is. “Grootmoeder werkt in de keuken. Het eten dat ze klaarmaakt smaakt naar de rookkeuken, naar de donkere, schaars verlichte grot waar we ieder dag een paar keer doorheen lopen. Alle etenswaren lijken de geur en kleur van de rookkeuken aan te nemen. Het spek en het boekweitmeel, de reuzel en de jam, zelfs de eieren ruiken naar aarde, rook en zurige lucht.” Mic helpt haar grootmoeder en volgt haar zodra die in beweging komt: “Ze is mijn bijenkoningin en ik ben haar dar. De lucht van haar kleren zit in mijn neus, de geur van melk en rook en de zweem van bittere kruiden die in haar schort hangt. Ze doet de rondedans en ik huppel achter haar aan.”

Grootmoeder vertelt haar tijdens de huiselijke bezigheden over haar oorlogsverleden in vrouwenkamp Ravensbrück. Als kind is Mic nog speels en blijven deze verhalen op de achtergrond, naarmate ze ouder wordt dringt het verleden van haar familie zich steeds meer aan haar op. Moeder zet zich af tegen grootmoeders verhalen en heeft ‘alleen de natuur, liederen en de katholieke kerk nodig’. Ze vertelt haar dochter dat er maar één manier is om in genade te leven: vlijt en je houden aan Gods geboden.

Met vader gaat het niet goed en naarmate Mic opgroeit, wordt ze steeds meer in het oorlogsverleden van haar familie en vooral van haar vader meegezogen. Hij vertelt haar dat hij als jonge jongen met grootvader in een bunker heeft gezeten waar grootvader de leiding had over een koerierspost. Vader moest koken en vertelt Mic dat hij heel erg bang was. Dit oorlogsverleden zorgt voor een beangstigende sfeer in het gezin. Ook dorpelingen hebben heftige oorlogstrauma’s. Mic vindt haar heil bij grootmoeder, hoewel deze haar al jong boekjes laat lezen als ‘Frauen von Ravensbrück” en haar eigen oorlogsschrift.

Wanneer Mic haar lagere school heeft beëidigd gaat ze naar een internaat in Klagenfurt. Ze voelt zich verraden, ze vindt dat ze voor vader moet zorgen. Het gymnasium waar ze naar toe gaat heeft Duits- en Sloveenstalige leerlingen. Het leven in het internaat verbindt haar met de groep. Wanneer ze af en toe thuis komt, wil ze met grootmoeder niet meer vertrouwelijk zijn. Inmiddels heeft moeder haar vijfde kind gekregen, maar vader erkent het niet als zijn eigen kind. Wanneer grootmoeder overlijdt, richt moeder het huishouden naar eigen inzicht in en neemt langzaamaan de leiding van het gezin over, terwijl vader destructieve aanvallen blijft houden wanneer hij teveel drinkt.

Na het verschijnen van Mic’s tweede dichtbundel en de voltooiing van het proefschrift verhuist ze naar Ljubljana. Na een jaar gaat ze terug naar Karinthië: “ik word gedragen door het gevoel erbij te horen en ben onzeker geworden door de politieke tegenstrijdigheden. Ik droom er nog steeds van het vastgelopen gesprek tussen de Slovenen aan weerszijden van de grens weer leven in te blazen en begin in Karinthië te werken aan een plan om een grensoverschrijdend literair en cultureel-politiek tijdschrift op te richten, maar het project mislukt.” En zoals ze zelf beseft: “In de tijd dat ik bij het theater in Klagenfurt werk zal de Sloveense taal zich uit mijn teksten terugtrekken.”

Wanneer Mic in het ouderlijk huis het kampboek van haar grootmoeder uit Ravensbrück vindt besluit ze het kamp te bezoeken. De ingelijste engelenprentjes, die haar moeder vroeger boven haar bed hing in de kamer die ze met grootmoeder deelde en waarvan moeder zei dat engelen ‘in de ziel van een mens kunnen kijken en zijn diepste gedachten kunnen lezen’, zijn na dit bezoek aan Ravensbrück voorgoed verdwenen.

De engel van het vergeten is een indrukwekkend verhaal dat voor mij de ogen opende voor wat zich in de Tweede Wereldoorlog en daarna heeft afgespeeld in een mooie streek als Karinthië. Het laat me beseffen hoe families hier hebben moeten vechten om te overleven en om hun eigenheid te kunnen bewaren.

Uitgeverij        Cossee, 2019
Pagina’s          256
Vertaald           uit het Duits door Marianne van Reenen (Engel des Vergessens, 2012)
ISBN                978 9059 368 576

Recensie door Irma van den Bos, maart 2020

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress