Recensies

‘De Vriend’ door Sigrid Nunez

De ik-figuur is een alleenwonende docente literatuur van midden veertig. De roman speelt zich af in het kunstenaarsmilieu van Manhattan, New York. De vrouw heeft haar literaire mentor verloren, die zelfmoord heeft gepleegd. Subtiel lees je tussen de regels door, dat de reden voor zijn zelfmoord was gelegen in het feit, dat het hem niet lukte om te accepteren dat hij oud was. Hij was bang doodongelukkig te worden, wanneer hij het zonder de adoratie (en seks) van studentes moest doen en zijn status als alom gerespecteerd schrijver zou zien veranderen in ‘oude vieze zak’; een vent met achterhaalde ideeën over literatuur en schrijverschap.

De vrouw voelt zich verantwoordelijk om de door de mentor achtergelaten Deense Dog in huis te nemen en ze gaat een hechte relatie met de hond aan.
“Het doet bijna pijn niet te weten wat voor iemand een geliefde als kind is geweest. Die gevoelens heb ik bij iedere man op wie ik ooit verliefd was en ook bij vele goede vrienden en nu heb ik die gevoelens bij Apollo.” (pag. 180)

De vrouw en de hond (Apollo) rouwen samen om hun verloren vriend/baasje. De vrouw weerstaat de mening van haar vrienden over haar ‘ziekelijk gedrag’ en weet dankzij de hond overeind te blijven. Ze wordt neergezet als een sterke, onafhankelijke vrouw, die het uiteindelijk ook zonder hond zal redden. Misschien is het wel het moeilijkst voor haar om zich een eigen mening te veroorloven over het schrijverschap, welke haaks staat op de mening van haar overleden vriend, want mag je wel kritisch zijn over een vriend, die zelfmoord heeft gepleegd? Ben je dan je vriend niet ontrouw; hoe overwin je het schuldgevoel, dat de meeste nabestaanden na een zelfmoord van een vriend hebben?

Met behulp van een dertigtal citaten van schrijvers bespiegelt ze het karakter van de hond en de mogelijkheden van relaties tussen hond en mens. Persoonlijk vind ik deze uitstapjes naar de ‘grote’ literaire sterren het verhaal eerder verzwakken dan versterken, behalve misschien de citaten van Rainer Maria Rilke en Edmund Bergler over het schrijverschap:

“Iemand, die het gevoel heeft, dat hij zou kunnen leven zonder te schrijven; zou helemaal niet mogen schrijven.” (pag. 144- vgl. het boekenweek essay 2020 over de normen in de literaire wereld)
“Ik denk eraan, dat jij (haar overleden vriend) tegen je studenten was gaan zeggen, dat als ze ook maar iets anders met hun leven zouden kunnen doen in plaats van schrijver worden, welk ander vak ook, ze dat zeker moesten doen.”  (pag. 145)
Edmund Bergler geloofde dat masochisme ten grondslag ligt aan allerlei menselijke neurosen en dat het enige wat erger was dan de onmenselijkheid van de mens jegens de medemens, zijn onmenselijkheid tegen zichzelf was en Edna O’Brian meende zelfs, dat een schrijfster een dubbele dosis masochisme heeft. (pag. 66)

Sigrid Nunez schijft eigenlijk heel ‘mindful’, hoewel ze de ik-figuur in het boek kritiek laat hebben op deze filosofie waarin onthechting belangrijk is. Door nauwgezette observaties voel je je als lezer bijna op de plek, die ze beschrijft. De tijd lijkt stil te staan en je wordt uitgedaagd om na te denken over levensvragen.
Ik zie een dronkaard die in zijn broek heeft geplast languit voor een deur liggen Op zijn T-shirt staat: IK BEN DE ARCHITECT VAN MIJN EIGEN LOT. Niet ver van hem vandaan zit een bedelaar met en zelfgemaakt bord: VROEGER WAS IK IEMAND.”    (pag. 61)

Aangestipte (nogal associatief beschreven) thema’s in het boek:
– Is het niet een schande dat schrijvers status verwerven met een boek over de ellende van anderen? Of is het juist goed, dat zij getuigen over maatschappelijk onrecht?
– Moet je je vrienden een zelfmoord gunnen?
– Mag een schrijver rijk worden?
– Kan een mens iemand helpen, wanneer de hulp vragende machteloos is?
– Seksisme in de schrijverswereld en bij uitgeverijen.
– Wat is de rol van vrouwen in hun eigen onderdrukking?

Daarmee is De vriend voor mij toch vooral een boek over zingeving in eenzaamheid.
“ik wil geen deel uitmaken van de menselijke soort.” (pag. 181)
Eigenlijk heftige kost in corona-tijd!
Het is in het bijzonder een aanrader voor literatuurstudenten, en voor iedereen die graag een boek wil schrijven.

Uitgeverij      Atlas Contact, 2019
Pagina’s        222
Vertaald         uit het Engels door Maaike Bijnsdorp en Lucie Schaap (The Friend)
ISBN              978 9025 454 814

Recensie door Ammy Langenbach, maart 2020

 

 

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress