Recensies

‘De nieuwe achternaam’ door Elena Ferrante

De nieuwe achternaam van Elena Ferrante is deel 2 uit de 4-delige romancyclus ´De Napolitaanse romans´. In deel 1 De geniale vriendin worden de jeugd en puberteit van de Napolitaanse vriendinnen Elena Greco en Lila Cerullo in de jaren ´50 beschreven. Deel 2 De nieuwe achternaam borduurt verder op de adolescentie. Achterin deel 2 is een lijst van personages en een summiere samenvatting van deel 1 opgenomen.

Het is 1966. De heel jong getrouwde Lila heeft Elena een metalen doos gegeven met acht schriften, die ze niet langer in huis kan bewaren, bang dat haar man ze zou lezen. Ze vraagt Elena de doos nooit open te maken, maar Elena doet dit toch, leest, herleest, laat alles binnenkomen; het is haar teveel. Ze besluit de doos met inhoud in Pisa, waar ze op dat moment studeert, in de rivier de Arno te gooien. Wat ze heeft gelezen gaat terug tot het huwelijk van Lila en haar man Stefano, dat al vanaf het begin scheuren vertoont. Hier begint het eigenlijke verhaal van deel 2.

De broers Michele en Marcello Solara zijn een schoenenwinkel begonnen in het wijkje waar de jongelui zijn opgegroeid en zwaaien er de scepter. Regelmatig zijn er ruzies onderling. Er is onveiligheid zowel binnen- als buitenshuis in het ogenschijnlijk beschutte wijkje in Napels. De veiligheid zoeken zij bij elkaar, soms thuis, op school of de vriendenclub, waar tegelijkertijd onderlinge rivaliteit heerst op intellectueel niveau als ook in het zakendoen en geld verdienen. Er is veel armoede.
Lila heeft schoenen voor de winkel ontworpen, maar toch krijgt de winkel niet haar achternaam Cerullo, maar die van de broers Solara. Daar blijkt immers het geld te zitten, waar Lila en haar man afhankelijk van worden.

Ondertussen probeert Elena haar best te doen op school. Ze is verloofd met Antonio, maar heimelijk verliefd op briljante student Nino. Voor de jongens uit de vriendenclub breekt de diensttijd aan, een aantal van hen wordt door de Solara’s betaald om zich hieraan te onttrekken. Het ‘spel’ van vriendschappelijke jaloezie tussen de vriendinnen versterkt zich. Elena krijgt het beeld van Lila dat ze in alles de eerste wil zijn, de mooiste, de elegantste, de rijkste en vooral de intelligentste. Tegelijkertijd probeert zij haar motieven te begrijpen. Lila woont geisoleerd in een nieuwe wijk, opgesloten in haar moderne huis, met een man die haar slaat, en ze probeert er alles aan te doen niet zwanger te raken. Het lukt Lila desondanks te gaan werken en ze mag de kruidenierswinklel gaan beheren.
Ondertussen is de relatie van Elena met Antonio beeindigd. Elena zit inmiddels in 4 gymnasium. Ze krijgt tot haar verbazing nieuwe studieboeken van Lila (haar ouders kunnen dat niet bekostigen) waarop deze haar vertelt dat zonder het zwarte markt- en woekergeld zowel de kruidenier als de schoenenfabriek- en winkel er niet zouden zijn geweest. Ze vertelt haar vriendin dat ze met gewichten knoeit en op die manier de hele wijk belazert. Nieuwe schoenen ontwerpen, zoals de jongens dat willen, kan ze niet meer. Elena ziet dat Lila sinds haar huwelijksdag wordt opgejaagd door verdriet´.

Er ontstaan tussen de jongeren politieke discussies, Elena schaart zich aan de zijde van Nino, die in Engeland studeert, terwijl Lila zich verloren voelt in dit gezelschap. Ze verwijt Lena haar hoogdravendheid. Het brengt een lang scheiding teweeg tussen de twee vriendinnen. Elena ontloopt Lila en gaat op zoek naar werk. Ze krijgt een baantje in een boekwinkel in een andere wijk.

Lila raakt niet zwanger. Omdat ze volgens de doktoren moet aansterken, wordt ze met een paar familieleden naar Ischia gestuurd. Elena besluit mee te gaan als ze hoort dat Nino ook op het eiland is. Maar na een aantal dagen vertelt Lila dat Nino verliefd is op haar. Voor Elena breekt een verwarrende tijd aan: ten eerste houdt ze haar liefde stil, ten tweede begrijpt ze er niets van: de een getrouwd, de ander verloofd (Nino met Nadia, dochter van lerares Galiania). Wanneer Lila haar meesleept in geheime afspraken met Nino, voelt Lena zich ‘geketend aan een onverdraaglijk pact van vriendschap’. Ze vlucht ‘s avonds het strand op en wordt daar door de vader van Nino, Donato, verleid. Haar gevoel stompt af, ze laat alles gaan en verliest haar maagdelijkheid.

De vriendinnen vertellen elkaar niets. Ze gaan terug naar Napels en vervolgen hun leven, zowel thuis als in de boekhandel, terwijl Lila zich inmiddels de schoenenwinkel heeft toegeeigend van de Solara´s. Michele Solara wil het Cerullo-merk vervangen door Solara, of zoals Elena denkt: ‘het steekspel van de camorra-kerels’. Met haar gaat het ondertussen erg goed op school. Ze krijgt een tip om zich in te schrijven aan de Universiteit van Pisa, waar ze 2 jaar gratis in een kostschool kan verblijven.
Lila blijkt wanger van Nino. Ze verlaat Stefano en gaat bij Nino wonen. Hun samenzijn duurt 23 dagen, daarna kan Nino haar niet meer aan en vertrekt. Lila maakt het hem onmogelijk en hij voelt zich in een valstrik van begeerte. In Pisa is Franco Mari, ook student, de verloofde van Lena geworden. Lila bevalt van een zoon, Rinuccio, en woont weer bij haar man, maar hij heeft moeite met haar woede-aanvallen. Zij vermoedt bij hem een minnares en via via hoort ze dat Stefano, al voordat ze naar Ischia was vertrokken, met Ada een verhouding is aangegaan

Wanneer Elena de paasvakantie in Napels doorbrengt, geeft Lila haar een metalen doos met brieven die ze in de tijd met Nino heeft geschreven. Elena neemt de doos mee naar Pisa en leest alles. Het maakt het allemaal niet duidelijker en om zelf niet aan alles ten onder te gaan besluit ze de metalen doos in de rivier de Arno te gooien. Ze raakt geheel ontmoedigd, gaat een tijdje om met mede-student Pietro Airota, zoon van een vooraanstaande figuur in de Socialistische Partij en professor in de Griekse letterkunde. Zijn vrouw Adele en hun dochter Mariarosa zijn fijn gezelschap voor Elena. Er wordt veel over politiek gesproken. Ondertussen is in Napels Ada zwanger van Stefano.
Het wordt een ingewikkeld spel van relaties,, winkels, liefdesverhoudingen en de familie Solara die haar macht willen laten gelden. Lila weet niet meer wat te doen en op een dag, wanneer goede vriend Enzo op de stoep staat, laat ze zich meenemen naar de woonplaats van Enzo die op dat moment niet anders verlangt dan bij haar te zijn en te zorgen voor haar zoontje. Ze vindt werk in een vleesfabriek en ontmoet onverwacht Bruno, de vriend van Nino, die indertijd mee was naar Ischia.

In Pisa is Elena verloofd met Pietro. Ze heeft geen hoge pet van zichzelf op ondanks dat ze op haar 23e is afgestudeerd als doctoranda in de letteren. Dan laat Pietro een tekst van Elena lezen aan zijn moeder. Die vindt het zo goed dat ze het doorstuurt naar een Milanese uitgeverij, waar zij al jaren vertaalwerk voor doet. De uitgever wil haar werk uitgeven, het contract wordt gemaakt en Elena krijgt tot haar verbazing een voorschot. Er komt een foto in de krant Il Mattino, maar niemand van haar oude vriendenclub is geinteresseerd. Tot het moment dat Adèle haar bijstaat bij een lezing, Elena een zaal vol lezers voor zich heeft, kritische mensen moet aanhoren, maar uiteindelijk door een lezer achterin de zaal wordt geprezen om de moderniserende kracht van haar roman. Het is Nino Sarratore.

De nieuwe achternaam is een heerlijk boek. Het verhaal neemt je mee alsof je in de huid zit van het hoofdpersonage. Je ondergaat de spanning in de arme wijk waar de meisjes al jong mee te maken krijgen, de vriendschappen, het zich staande houden in relaties, het werk vinden of studeren, het elkaar langere tijd niet zien en toch weer elkaar opzoeken. Lastig vond ik de hoeveelheid namen, hoewel achterin het boek een opsomming staat van de verschillende families.
Het vertaalwerk is mooi gedaan. De schrijfster geeft uitgebreid beschrijvingen van de levens van de mensen, de wijk, de winkels, de politieke discussies en je merkt niet dat je een vertaling leest.

Met de tv-serie van het eerste deel in het achterhoofd ben ik dit tweede deel gaan lezen. Dat was een prima keus. De voorkanten van de eerste uitgave van de boeken geven dezelfde sfeer weer als de tv-serie: het Napels vanaf de jaren ’50. Bij de latere drukken is dat helaas veel minder.

Uitgeverij      Wereldbibliotheek, 2015
Pagina’s         480
Vertaald         uit het Italiaans door Marieke van Laake (Storia del nuovo cognome)
ISBN               978 9028 426 061

Recensie door Irma van den Bos, augustus 2019      

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress