Recensies

‘Welkom in het rijk der zieken’ door Hanna Bervoets

Clay, een man van in de dertig, wordt getroffen door een ernstige ziekte met torenhoge koorts. Hoewel hij langzaam herstelt, houdt hij in zijn hele lichaam pijnen: “Het is er altijd, het branden in je onderrug, de steken in je knieën, op de fiets, in de supermarkt, tijdens het koken en wanneer je ’s avonds voor de televisie zit…je kunt je zelden nog echt concentreren, je lichaam constant geplaagd, belaagd, ja, het liefst zou je dat lijf van je openritsen als een overall, het omlaag trekken langs je benen, eruit stappen en het achterlaten.”
Hij kan niet werken wegens zijn chronische klachten en zijn concentratie- en geheugenverlies. Het duurt bijna een jaar voordat hij een diagnose krijgt: Q-koortsvermoeidheidssyndroom, QVS. Clay is op een kinderboerderij een schuurtje ingegaan waar een geit lag te lammeren.

De roman is een literair ervaringsverhaal van ongekende schrijnendheid. Wat doet een chronische ziekte van deze orde met je? Wat doe je als je jezelf niet meer herkent in je eigen leven? En als je geliefde er niet meer tegen kan en het je relatie kost? Hoe verdraag je de afstand tussen je vrienden die niet aan je zien dat je ziek bent, terwijl jij je doodziek voelt? Wat gebeurt er met je als je je werk kwijtraakt? Als je bijna tot niets meer in staat bent omdat je overvallen wordt door gebrek aan energie en onverdraaglijke pijnen?

De beschrijvingen van de lichamelijke en psychische toestanden van Clay zijn gruwelijk, mooi, begrijpelijk, invoelbaar en steeds anders. Niet alleen heeft Hanna Bervoets een enorme woordenschat paraat, maar het getuigt ook van een groot inlevingsvermogen om de pijnen die Clay voelt, de kwalen die hem teisteren, de onmacht om op een of andere manier met zijn ziekte om te gaan, zo fascinerend neer te schrijven. Hij ervaart een volledige neergang in menselijkheid, een woekergroei aan eenzaamheid, onbedwingbare angst en gigantische onzekerheid. Hij krijgt geen diagnose en geen behandeling. En als de diagnose eindelijk komt heeft hij weliswaar even een vlaag van blijdschap, maar er is geen medicatie en zijn behandeling bestaat slechts uit een breed revalidatietraject dat hem geen genezing of vermindering van zijn klachten oplevert. Zijn vriendin Nora vertrekt en hij blijft treurig en apathisch achter met een cavia. Hij ontmoet Marla, een vrouw die ook chronisch ziek is, en in de herkenning worden ze vrienden. Grappig is hun eerste seksuele contact. Zijn alwetende verteller zegt: “Marla bemint je alsof je een vrouw bent.” Deze alwetende verteller spreekt Clay toe en benoemt alles wat hij denkt en doet: “Je bent negenendertig en je ligt op je rug in bed. De dekens heb je van je afgetrapt: je huid en ledematen verdragen geen enkele aanraking vandaag, ook niet die door de zachtste stof.”

De verteller gebruikt de tweede persoon (je, jij, jou, jouw), en dikwijls de toekomende tijd: “Straks zal Marla weglopen om nooit meer iets van haar te laten horen”.Dit heeft een magisch effect, alsof Clay een marionet is, die van bovenaf geïnformeerd wordt over zijn gemoedstoestand in dit Rijk der Gezonden. Nog magischer is de tocht van Clay in de hem onbekende wereld van Het Rijk der Zieken, waar hij door een vrouw, Susan, wordt begeleid, die er blijkbaar wel bekend is. Hij krijgt van haar opdrachten in de vorm van suggesties, bij voorbeeld om zijn lijf te dragen. Omdat het hem te zwaar wordt, zoekt hij er een karretje voor, waarvoor hij diverse instanties langs moet om ze te overtuigen dat hij dit nodig heeft. Hun verblijf in het Rijk der Zieken is een boeklange tocht langs instanties voor toestemmingen, een gang naar gebouwen om zaken aan te schaffen, gezeul over stoffige hete wegen, in een stad en in een woestijn. Hun tocht heeft geen einde…

In elke roman is Hanna Bervoets bezig te experimenteren met vorm, beelden en taal. Ze speelt met de chronologie in het verhaal, met omkeringen, met wisselingen in volgorde, met magische beelden of gebeurtenissen, en maakt er een zoektocht van naar een nieuwe, andere manier van vertellen. Creatief zijn haar scènes in de andere werkelijkheid. De boeken (zoals Illness as Metaphor) van Susan Sontag – de schrijfster die tegensprak dat ziekte een straf zou kunnen zijn (van God, voor slecht gedrag) en dat ziekte niet iemands persoonlijke schuld is – zijn referenties voor de essayistische stukken die losjes door de roman zijn verweven.
De schrijfster zelf lijdt ook aan een chronische ziekte, maar koos ervoor die ziekte niet als uitgangspunt van haar roman te maken. Ze gebruikte daarvoor QVS.

Hanna Bervoets won in 2017 de Frans Kellendonk-prijs voor haar gehele oeuvre (toen 6 romans, toneel en diverse columns).

Uitgeverij     Pluim, 2019
Pagina’s       278
ISBN            978 9492 928 283

Recensie door Hannah Kuipers, augustus 2019

 

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress