Recensies

‘DwarsVers’ van Emily Dickinson en Edna St. Vincent Millay

Lyrisch tweeluik van gedichten en sonnetten. Vertaald en bijeengebracht: Ans Bouter

Emily Dickinson is in Nederland al lang geliefd en vertaald. Edna St. Vincent Millay is nog niet alom bekend, al hebben Hans Warren en Herman de Coninck in 1981 en 1988 werk van haar vertaald. Met deze uitgave van Ans Bouter zal haar werk in grotere kring bekend worden.

Dwarsvers is een boek over twee bewust levende vrouwen, twee grote talenten, twee grote dichters, Amerikaansen tussen 1830  en 1950. De vorm van het boek als tweeluik is een feest. Twee dichtbundels met één gezamenlijke rug en twee portretten in het midden, waar de naar binnen gevouwen zijflappen twee boekjes suggereren. Emily Dickinsons afdeling is met blauw gekleurd en die van Edna St. Vincent Millay met groen. Het grafisch ontwerp is van Team Thursday.

Achterin het boek staan de levens van beide Amerikaanse dichters beschreven. Voorin het boek schrijft Ans Bouter, waarom ze de vertaling anders heeft aangepakt dan vorige vertalers: haar uitgangspunt was om de gedichten in het Nederlands hetzelfde ritme te laten behouden als in het Engels en ook het rijm te handhaven. Van de gedichten staan het Engelse origineel en de Nederlandse vertaling naast elkaar. Om te benadrukken dat het een bundel over twee grote dichters blijft, zal ik bij de citaten alleen het Engelse origineel vermelden. 

Emily Dickinson werd geboren op 10 december 1830 in Amherst, Massachusetts en is daar overleden op 15 mei 1886. Haar hele leven bleef ze wonen in het grote familiehuis ‘Homestead’ en vanaf haar 30e bleef ze vrijwel altijd thuis. Dat was waarschijnlijk niet alleen vanwege haar wankele gezondheid, maar ook om niet afgeleid te worden van haar werk. Vanuit huis bleef ze op de hoogte van de buitenwereld, ook van de ontwikkelingen in de literatuur. De Dickinsons waren diep gelovig én voorvechters voor goed onderwijs, ook voor meisjes. Dus kreeg Emily haar opleiding aan het prestigieuze Amherst College, dat door haar grootvader was gesticht.

Emily’s gedichten zijn observaties en overpeinzingen over haar dagelijks leven en haar eigen bewustzijn. Haar gedichten zijn verrassend modern voor die tijd. Samen met Walt Whitman luidt ze het tijdperk van het modernisme in de Amerikaanse poëzie in. Tijdens haar leven werden maar zeven van de ongeveer achttienhonderd gedichten gepubliceerd en daarbij werden ze ook nog aangepast aan wat de uitgever geschikt voor lezers vond. Het is duidelijk dat Emily Dickinson voor iemand liefde heeft opgevat, maar het is niet zeker wie dat is geweest.

Haar wens was dat al haar gedichten na haar dood zouden worden vernietigd. Gelukkig is aan die wens niet voldaan! Integendeel, haar werk werd eindelijk uitgegeven. Wel heeft haar zus een heleboel correspondentie verbrand.

De bundel opent met een van de bekendste gedichten van Dickinson:

  • “I dwell in Possibility,
  • A fairer house than Prose,
  • More numerous of windows,
  • Superior of doors ….”
  • De laatste regel is: To gather paradise”

Dat ze haar paradijs verzamelt en eruit oogst wil in haar geval niet zeggen dat ze zorgeloos in een bloemenweitje ronddartelt. ‘Mogelijkheid’ houdt iedere invalshoek, elke ontwikkeling open. Het is een geestelijke staat van zijn, die ze ontwikkelt via – en in haar werk. In die gesteldheid is alles wat zich aandient een avontuur van zich openende mogelijkheden. Meer ramen, deuren, kamers als ceders, ondoordringbaar voor het oog, de schoonste bezoekers. Ze oogst met open armen.

Over weide gesproken

  • “To make a prairie it takes
  • One clover and a bee, –
  • And revery.
  • If bees are few. ”      (pag. 116)

In het lange gedicht I measure every grief I meet (pag 122 -124, incl. vertaling) vraagt ze zich af hoe het met het verdriet van anderen is. Ze zou graag haar eigen verdriet met dat van hen willen vergelijken. Ze onderzoekt ze de aard van pijn.

  • “Pain has an element of blank
  • It cannot recollect
  • When it began, or if there were
  • A day when it was not.
  • It has no future but itself,
  • Its infinite realms contain
  • Its past, enlihtend to perceive
  • New periods of pain.”   (pag. 126)

Ze gaat zo ver mogelijk in haar onderzoek. Ontledend als een wetenschapper kijkt ze naar hoe en wat er gebeurt. Welk onderwerp er ook aan de orde is, steeds gaat haar beleving samen met haar attente waarneming. Dit genuanceerd in taal zetten is haar levenswerk. 

In It troubled me as once I was (pag 104) zet ze na gedachtestreepjes woorden die een verrassing brengen. Geestig en verhelderend! Lees hoe ze haar omgang met een groot verlies beschrijft in ‘A great Hope fell’. (pag 72)

Het is bij Emily Dickinson niet de vooropgezette bedoeling om geestig te zijn als wel een manier om afstand te nemen van de situatie om er naar te kunnen kijken en zich dus van meer kanten bewust te worden. Het geeft ruimte en luchtigheid aan haar gedichten (ramen, deuren), zelfs als het gaat om onze comfortabele kortzichtigheid, of simpel gezegd: stupiditeit. Lees voor dit laatste in Her final summer was it !! (pag. 72) Ze werd 58 jaar oud.

De andere dichteres van dit tweeluik, Edna St. Vincent Millay, werd op 22 februari 1892 geboren in Rockland, Maine, in een totaal andere familiesetting. Haar grootmoeder én haar moeder verlieten hun financieel  onhandige man om de kinderen zelf op te voeden. Edna St. Vincent werd Vincent genoemd naar het hospitaal St. Vincent, waar haar moeders broer op het nippertje herstelde van een ongeluk. Hier geen stevig gevestigd gezin, maar geldnood, humor en liefde voor boeken en muziek. Moeder Cora trok met haar kinderen en koffers met boeken rond op zoek naar mensen die haar wilden steunen. Ze moedigde haar kinderen aan om zelfstandig te denken. Uiteindelijk vestigden ze zich in het dorp Camden.

Vanaf haar vijfde jaar schreef Edna St. Vincent Millay gedichten, die door haar moeder naar bekende tijdschriften werden gestuurd. Meerdere gedichten werden gepubliceerd. Met financiële hulp van een schoolhoofd kon ze studeren aan het Vassar College, waar ze haar Bachelor of Arts voltooide. Ze schreef een avondvullend toneelstuk en was een enfant terrible. Ze maakte het zo bont met veelvuldige afwezigheid en uitstapjes met vriendinnen, dat ze werd geschorst. Maar na een petitie van klasgenoten werd ze weer toegelaten. Haar gedichten werden dusdanig gewaardeerd, dat er een controverse ontstond, omdat ze bij een poëziewedstrijd slechts vierde was geworden in plaats van eerste. De eerste poëziebundel verscheen al toen ze 17 was en op 31-jarige leeftijd ontving ze al Pulitzer Prize for Poetry voor haar bundel Harp-Weaver and Other Poems (1923).

Edna Millay ging gelden als de verpersoonlijking van de nieuwe vrouw en van de vrije liefde. Na meerdere affaires met mannen en vrouwen was ook haar huwelijk met de veel oudere Eugen Boissevain ongebruikelijk: hij nam een groot deel van het huishouden op zich, zij behield haar eigen achternaam en ze hielden er beiden andere liefdesrelaties op na. Ze kochten en restaureerden een oude boerderij in Austerlitz, New York en vestigden zich daar. 

Tegen het eind van de jaren ’30 ging haar gezondheid achteruit na een val, waarna ze verslaafd raakte aan de nodige pijnstillers. Voorafgaand aan de tweede wereldoorlog schreef ze propagandaverzen tegen Nazi-Duitsland en fascistisch Spanje in de hoop haar landgenoten wakker te schudden.

In oktober 1950 overleed ze, na weer een val. Haar man was al eerder overleden.Ze werd 58 jaar oud. Haar laatste dichtbundel verscheen na haar dood, Mine the Harvest, A Collection of New Poem.

Edna Millay schrijft over her gemis van de hartstochtelijk genoten liefde aan het eind van een relatie. In de door Ans Bouter gekozen gedichten zien we haar benadering veranderen bij het ouder worden.

Het eerste gedicht, Ashes of love, opent met de regels:

  • “Love has gone and left me and the days are alle alike;
  • Eat I must, and sleep I will, – and would that night were here!’
  • In The philosoper vraagt ze zich af:
  • “And what are you that, wanting you,
  • I should be kept awake.”

om daarna met humor onder ogen te zien, dat ook zij doet wat filosofen beweerden: “Yet women’s ways are witless ways,

  • As any sage will tell, –
  • And what am I, that I should love
  • So wisely and well?”

In O, my beloved, have you thought of this lijkt het over de relatie met haar oudere echtgenoot te gaan. Ze realiseert zich dat Tijd wreed zal kunnen worden:

  • “…..unscrupulous Time,
  • More cruel than Death, will tear you from my kiss,
  • ….. I was a child, and you a hero grown?- (pag 156)

Steeds meer zicht krijgend op het liefdesproces, overweegt ze in Love is not:

  • “I might be driven to sell your love for peace,
  • Or trade the memory of this night for food.
  • It well may be. I do not think I would. (pag. 164)

Toch dus maar niet de liefde inruilen, voor wat dan ook aan goeds. Dat liefdesverdriet over gaat, vindt ze leugens:

  • “Time does not bring releif; you all have lied
  • Who told me time would ease me of my pain!
  • I miss him in the weeping of the rain;
  • I want him at the shrinking of the tide; ….” (pag 167)

Hoe ze diep gegriefd wordt door een laatdunkende opmerking van een geliefde, geeft ze prachtig weer in O, oh, you will be sorry fot that word! Het is een gedicht over de man-vrouw relatie en hoe zij daarmee omgaat. Hoeveel getalenteerde, slimme vrouwen kiezen tegenwoordig nog dezelfde oplossing? En hoeveel mannen zullen nog dezelfde opmerkingen maken, of ze denken zonder ze uit te spreken? Later in haar leven schrijft ze prachtige liefdespoëzie over het ouder worden.

Iedere vertaler kampt met de mogelijkheden en onmogelijkheden om de bepaalde muzikaliteit en de woordelijke betekenis van een tekst in een andere taal recht te doen. Ans Bouter heeft een reuzenwerk verricht met deze vertalingen. Ze heeft als uitgangspunt de ritmiek en het rijm gekozen. Dat levert verrassende resultaten op. En ook daarbij blijkt weer, dat welk uitgangspunt een vertaler ook kiest, er een zekere onvertaalbaarheid blijft van de ongrijpbare werking van de woordkeuze van de dichter zelf. In vertaling worden de klanken anders, de volgorde van de woorden verandert meer of minder. Daarbij hebben klinkers en medeklinkers veelal een anders genuanceerde, emotionele werking in verschillende talen. Dat alles maakt dat een vertaling per definitie niet meer het gedicht van de maker zelf is. Het hoogst haalbare is bij te dragen aan begrip van wat er staat en wat de dichter bedoeld heeft.

Het uitgangspunt van Ans Bouter biedt weer nieuwe invalshoeken. Het is belangrijk, dat de vertalingen naast het originele gedicht staan. Zo kan de lezer de vertalingen naast de originele gedichten proeven en, wanneer een lezer dat wil, kan zij daardoor nog beter de eigen gevoelde nuanceringen in het originele werk ontdekken.

Dit prachtige boek geeft daartoe alle gelegenheid!

  • Uitgeverij                 in eigen beheer, 2016
  • Pagina’s                   270
  • Vertaald                   uit het Engels door Ans Bouter
  • ISBN                          978 9082  597 400

Recensie door Maud Ockers, januari 2019

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress