Recensies

‘Slapeloze nacht’ door Margriet de Moor

De dingen die vreemden overkomen hebben maar een beperkte werkelijkheidsgraad” (pag 22)

Maar nu leeft zij zelf als een vreemde, op de onwerkelijke overgang tussen slapen en waken. In een treffende inwendige monoloog vertelt een 38-jarige weduwe over haar eerste liefde, die is geëindigd met een revolverschot in de tuinkassen. Sindsdien wordt zij geteisterd door slapeloze nachten, waarvan Slapeloze nacht er letterlijk één bestrijkt.

Elke nacht bakt zij een taart, biscuit of tulbandcake. Terwijl de tijd traag verstrijkt, vervalt zij in mijmeringen over de gebeurtenissen van de voorbije jaren. Het is haar nooit duidelijk geworden waarom haar man zichzelf van het leven heeft beroofd. Het is een vraag die haar leven volkomen beheerst: “Het was om dol te worden. Bij elk van mijn naspeuringen scheen hij verder terug te wijken, kouder te worden, eenzamer” (pag 103).

De repeterende handelingen van het strooien van de bloem, het voelen van het koele deeg onder haar handen, het wachten op het rijzen, het garen- het lijkt haast een bezwering die haar helpt een zekere orde te scheppen in haar herinneringen. De nacht wordt een helder moment, waarin ze haar bezetenheid omzet in iets tastbaars.

Fijngevoelig buigt Margriet de Moor zich over de raadselachtige menselijke neiging tot het willen doorgronden van de ander: “Dat is waar ik altijd naar kijk bij mannen, de manier waarop de onbedekte pols uit de mouw van het colbert of liever nog de overjas steekt. Dat schijnbaar onaanzienlijke contrast tussen bekleding en lichaam, je moet er natuurlijk oog voor hebben, gevoel ook, maar ik wil beweren dat de bedaarde draaiing van een rossig behaarde pols, of het verloop van een ongespierde arm naar een nerveuze hand duidelijke taal spreekt. Minder veranderlijk dan de bewegingen van een mond, dan de lijn van het lichaam als geheel.” (pag18)

Nacht na nacht overdenkt ze tevergeefs haar eens zo ogenschijnlijk kalme, probleemloze relatie. Uiteindelijk herinneren we ons slechts ‘onbenulligheden’, terwijl de vanzelfsprekendheid van elkaars aanwezigheid gaten in het geheugen slaat. Immer gebonden aan ons eigen perspectief, lijken wij nooit in staat de werkelijke ander te kennen en zijn of haar onuitgesproken beweegredenen te achterhalen. Margriet de Moor beschrijft dit op een intrigerende, intieme wijze, met een vrouwelijke suggestiviteit waaraan het verhaal zijn diepgang ontleent. Moeiteloos maakt ze wisselingen in tijd en personages, diens gedachten volgend en invullend, maar nooit afmakend. De kracht van het verhaal ligt in deze innerlijke dialogen, niet de gebeurtenissen op zich. Overduidelijk kent Margriet de Moor de redeneerkunst van de vrouwelijke psyche, waar zij gretig gebruik van maakt.

Uitgeverij         De Bezige Bij, 2017.
Pagina’s          124
ISBN                978 90 234 6362 7

Recensie door Céline, oktober 2018

 

 

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress