Recensies

‘De komst van de wolven’ door Sarah Hall

Sarah Hall-de komst van de wolvenDe Britse zoöloge Rachel Caine leeft in zelfverkozen afzondering in Chief Joseph (Idaho), waar ze het gedrag van wolven bestudeert. Ze is een einzelgänger – of, om wat dichter bij het thema van de roman te blijven, een ‘lone wolf’. Ze woont in een simpele hut in het reservaat, heeft nooit relaties (alleen seks) en leeft geheel voor haar werk.
Wanneer Thomas Pennington, een rijke en excentrieke graaf die de grijze wolf wil herintroduceren in Cumbria, Rachel benadert omdat hij haar bij zijn ambitieuze project wil betrekken, is ze al zes jaar niet meer ‘thuis’ in Engeland geweest – haar laatste bezoek eindigde met ruzie en “een scheuring in de familie” (p.11). Ondanks dat ze aanvankelijk bedankt voor het aanbod, leidt een samenloop van omstandigheden, waaronder een ongeplande zwangerschap, ertoe dat ze toch toezegt en relatief halsoverkop terugkeert naar haar geboortestreek Cumbria.

“Nu zijn alle regels overtreden. Haar leven is ingesteld op seriële contacten, dat weet ze en ze vindt het best zo. De liefde faalt omdat ze die, afgezien van de daad zelf, de voortstuwende kracht van de lust, geen ruimte geeft. […] Ze is razend op zichzelf. Een baby! Het lijkt onmogelijk. Het is het slechtst denkbare scenario, de ergst mogelijke misser. Niet eens van een vreemde maar van haar beste vriend, haar collega met wie ze elke dag te maken heeft. In haar agitatie gaat ze eraan voorbij dat ze al jaren samen zijn, kameraden, in zekere zin ook geliefden, allebei even geobsedeerd door de zorg voor hun oogappels – hun voedsel, hun opvoeding, hun uitwerpselen, de routes waarlangs ze trekken – alsof ze al ouders zijn. (p.76-77).

Rachel zal projectmanager van het project van Pennington worden. Hij wil op zijn landgoed Annerdale twee wolven uitzetten, die na een korte quarantaineperiode “vrijgelaten” zullen worden in dit enorme (zelfvoorzienend) omheinde gebied, waarbij de hoop gekoesterd wordt dat ze na verloop van tijd zullen gaan paren en jongen krijgen. Vanuit de locale bevolking is er veel weerstand tegen het controversiële wolvenproject en ze krijgen te maken met protesten, dreigmails en sabotage. De locale boeren zijn bang dat de wolven zullen ontsnappen en hun vee aanvallen, moeders zijn bezorgd voor hun kinderen.
Het herintroductieproject in deze roman is – aannemelijkerwijs – geïnspireerd op het project van de Engelse multimiljonair Paul Lister die in 2003 het Alladale landgoed kocht om er naar Zuid-Afrikaans voorbeeld een wildernisreservaat van te maken. Zijn plannen om in dit gebied ook daadwerkelijk (o.a.) wolven uit te zetten en te herintroduceren, zijn echter vooralsnog niet uitgevoerd (voor meer info, zie: http://www.bbc.com/news/magazine-33017511). De herintroductie van de wolven zal bijdragen aan natuurherstel en op natuurlijk wijze het overschot aan herten terug brengen, wat ook economisch voordelen met zich mee zal brengen. Voor het eerst in jaren zullen er weer wolven in Engeland rondlopen.

“Het hart bonst in haar borstkas, ruikt naar bloed. Ze laat het ijzerdraad los en stapt op de grond. Hij beweegt zijn kop omlaag, de ogen kijken haar weer recht aan, hard als goud, onbewogen. Dan laat hij zijn machtige onderkaak zakken. Daarbinnen een blikkerende scherpte, witte bogen, richels, zwarte geplooide lippen. Een lange rollende tong. In haar hoofd gaat en evolutionair signaal af. Wat zo’n bek betekent. Ze doet een stap achteruit, wendt zich af en loopt behoedzaam langs het hek, met gebalde vuisten. De wolf zet zijn poten kruislings voor elkaar, zwenkt mee en loopt evenwijdig aan haar achter het ijzerdraad. Een lange grijze veeg, de kop schuin haar kant op, één waakzaam oog. Ze blijft staan, hij blijft ook staan. Ze draait zich langzaam om en loopt de andere kant op. Hij verplaatst zijn poten kruiselings, draait en volgt haar. Een echo, een spiegel.” (p.14-15)

Sarah Halls beschrijvingen zijn gedetailleerd en haar personages, zowel mens als wolf, worden op knappe wijze geportretteerd. Zoals vaak in haar werk trekt ze parallellen tussen mens en dier, in deze roman vooral en meer specifiek die tussen mens en wolf. Ze spiegelt de situatie van Rachel aan die van de wolven: de terugkeer naar Engeland, het wennen aan een nieuwe habitat, de zwangerschap en de geboorte van de nakomelingen. Rachel keert terug naar Cumbria, besluit toch van abortus af te zien en baart een zoon. Er komen wolven in Annerdale, ze paren en krijgen jongen.
Rachel verandert, vindt al snel haar draai, begint zich huiselijker te voelen, krijgt weer een hechtere band met haar broer, heeft voor het eerst een serieuze relatie, en wordt moeder.

“Voor het eerst van haar leven is haar werk niet haar voornaamste zorg, niet datgene wat haar ziel volledig in beslag neemt zoals het dat ruim tien jaar daarvoor wel was. Al die jaren was ze veilig en vrijgesteld, gericht op het beheer van een andere soort. Nu is ze in andere sferen gekomen. Het slagen of mislukken van een mensenleven hangt van haar af.” (p. 309)

Sarah Hall beschrijft Rachels zwangerschap en nieuwe moederschap op zeer mooie en intense wijze – m.i. een van de hoogtepunten van de roman. Met Rachels nieuwe identiteit als moeder verdwijnen ‘haar’ wolven echter wel steeds meer naar de achtergrond – zowel letterlijk als figuurlijk: ongeveer halverwege de roman worden de wolven losgelaten in het grotere gebied en baart Rachel haar zoon. De wolven trekken zich terug en richten een hol in (een sterke aanwijzing voor een paring) en laten zich nu ze in het grotere gebied zitten minder zien, maar ook – en vooral – voor Rachels verdwijnen ze naar de achtergrond: de baby eist al haar aandacht op en voor het eerst in haar leven draait niet alles meer enkel om haar werk en de wolven.

Mammmmam. Hij zegt het al bijna, een variant ervan, waarmee hij haar nieuwe identiteit bevestigt. Ze tilt hem op. Hij past naadloos tegen haar zij. Zijn rechtmatige plaats. Onaanvechtbaar” (p. 285).

Daarnaast slaat Sarah Hall ook enkele zijwegen in. Zo is er de verhaallijn over Lawrence, maar ook zijn er suggestieve verwijzingen naar het verleden van zowel Rachel als Pennington. Deze verwijzingen blijven echter (te) onuitgewerkt, te suggestief, waardoor ze meer afleiden zonder echt een rol te spelen. Tussendoor, ogenschijnlijk op de achtergrond, komt ook keer op keer het referendum over de onafhankelijkheid van Schotland aan bod, iets dat uiteindelijk nog een vrij ‘cruciale’ rol krijgt naargelang het einde van de roman nadert en de wolven weer wat meer op de voorgrond ‘terugkeren’.

Sarah Hall heeft een prettige, zeer zintuiglijke schrijfstijl en de roman staat vol prachtige, gedetailleerde beschrijvingen van de omgeving, het ruige landschap, het licht, de kleuren. Hoewel de symboliek er in deze roman soms net wat te dik bovenop ligt, maakt haar schrijfstijl dit meer dan goed. De komst van de wolven is een erg mooie, sterke roman en doet mij, net als na het lezen van haar verhalenbundel De prachtige onverschilligheid, wederom uitkijken naar nieuw werk van haar hand.

Uitgeverij                Ambo Anthos, 2015
Pagina’s                   405
Vertaald                   uit het Engels door Wim Scherpenisse (The Wolf Border)
ISBN                         978 9026 331 053

Recensie door Kyra, mei 2016.

 

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress