Recensies

‘De verdwijningen’ door Fred Vargas

Vargas_Verdwijningen_WT.inddFred Vargas is een Franse schrijfster, historica en archeologe. Ze schrijft sinds vijfentwintig jaar detectives, waarvan die met Jean-Baptiste Adamsberg , commissaris bij de Parijse Misdaadbrigade de bekendste zijn. Negen daarvan zijn bij uitgeverij de Geus uitgebracht, gekwalificeerd als literaire thriller. Wereldwijd zijn haar boeken in veertig talen vertaald en zijn er tien miljoen boeken van verkocht.

Adamsberg afkomstig uit de  Pyreneeën noemt zichzelf een boerenpummel, een man uit de bergen, een luchtfietser. In de boeken laat hij zich zien als een langzame, maar weldenkende man die de meest ingewikkelde zaken oplost: “in zijn pauzes (zijn roerloze momenten van rust) lagen soms de zeldzaamste parels verborgen.” Hij is aandachtig, geduldig en vriendelijk.Hij verricht – voor een politieman – onorthodoxe handelingen; is niet (ver)oordelend, maar begrijpend. Zijn team bestaat uit drie inspecteurs. Als eerste Danglard, een groot consument van alcohol, met een gigantisch geheugen voor weetjes; een soort eenmans-Wikipedia. Als tweede Veijrenc, ook uit de Pyreneeën, die zaken samenvat in dichtvorm: “zo zoekt de twijfelaar en aarzelt hij constant, in alle eenzaamheid, geen mens reikt hem de hand.” En als derde een grote dikke vrouw, lijdend aan boulemie, Violette Retancourt, on-Frans in haar directe beweringen, vaak buiten de grenzen optredend van wat de politie aan speelruimte heeft. De daden en de opmerkingen van de leden van het team zijn grappig, onbenullig en heel effectief.

In De verdwijningen vraagt een magere kleine vrouw, madame Vendermot, eenvoudig gekleed in een bloemetjesjurk die je in Parijs niet meer ziet dragen, op het Hoofdbureau van Parijse politie hulp aan commissaris Adamsberg bij een aantal doodsbedreigingen. Zij woont met haar drie volwassen zoons en haar volwassen dochter Lina in het plaatsje Ordemec bij Lisieux in Normandië, het land van de cider, de calvados, de camembert, D-Day en de menhirs. Menhirs zijn stenen (megalieten) uit de prehistorie die soms ergens los, soms in formaties in het landschap staan. Niemand weet wat precies hun betekenis is. Gedachten aan magie liggen voordehand. Dochter Lina van de vrouw in de bloemetjesjurk heeft een visioen gehad over Het Woeste leger, een troep havenloze gestorvenen uit de elfde eeuw, die onder aanvoering van ene Hellequin vier nu levende mensen zullen meevoeren en doden. Alleen Lina weet wie (drie van) de vier mensen zijn. De mythe van Het Woeste leger is bij veel mensen in Normandië bekend, waarbij niet iedereen het niet als een mythe ziet. Velen geloven nog dat het echt gebeurt en dat de slechterikken, die meegevoerd worden door het millenium oude leger, op gruwelijke wijze zullen worden geëxecuteerd door de Troep van Hellequin. Met voorwerpen van toen, zoals een bijl, niks geavanceerds. Adamsberg luistert serieus naar moeder Vendermot en raadpleegt Danglard over de historische achtergronden van dit verschrikkelijke elfde eeuwse leger dat hij steeds Het Noeste Leger noemt. Erg grappig lijkt dit niet, maar toch moet ik er steeds een beetje om lachen. Zulke kleine dingen zijn tekenend voor de luchtige, grappige en toch serieuze, spannende sfeer in dit boek. Hoewel Adamsberg de mythe niet gelooft, weet hij dat de executies geen onzin zullen zijn. Hij gaat naar Ordemec en ontrafelt met medewerking van zijn team, de plaatselijke politie en zijn pas gevonden zoon Zerk het mysterie. Zoon Zerk? Ja, die heeft Adamsberg onlangs pas leren kennen. De man is achtentwintig jaar en woont nu bij zijn vader. Ze zijn bezig elkaar te leren kennen. Een van de zeven verhaallijnen. Zoon Zerk en de duif is daar een van. De duif ? Ja, die vond Adamsberg bij de deur van het hoofdbureau van Politie met aan elkaar vastgebonden pootjes, waaraan de duif zou doodgaan. De ontknoping van de pootjes loopt door het hele verhaal.

De verdwijningen is een uit heel veel exquise, ingenieuze en eenvoudige ingrediënten samengestelde thriller smaak-sensatie. Je moet je laten meevoeren door de hersenkronkels van de commissaris en de capriolen van zijn medewerkers, de talloze slachtoffers, verdachten en het sluwe geboefte. Er gebeurt zoveel in dit verhaal, dat je je als lezer maar beter kunt overgeven aan het urenlang savoureren van de heerlijkheden opgediend door mevrouw Fred Vargas.

Als je het verhaal verteld zou krijgen zou het ongeloofwaardig en boers over kunnen komen. Het is gebaseerd op een meer dan een eeuw bestaand bijgeloof van eenvoudige mensen. Het is een verhaal dat al werd opgetekend door de historicus Ordéric Vital (1075 – 1143). De schrijfster slaagt erin het verhaal geloofwaardig te maken, spanning te creeëren en geeft een inkijk in het leven op het platteland van Normandië, enerzijds eigentijds, anderzijds bekrompen. Het verhaal is, ondanks de hoeveelheid gebeurtenissen en personages, goed te volgen. Fred Vargas schreef een detective van een uitzonderlijk hoog niveau.

De Franse titel luidt L’armée furieuse, het Woeste leger. De Nederlandse titel is De verdwijningen. Natuurlijk verdwijnen de slechterikken eerst voordat ze vermoord worden. Door Het Woeste Leger?

Uitgeverij             De Geus, 2014

pagina’s             412

Vertaald             uit het Frans door Rosa Pollé en Nini Wielink

(oorspronkelijke titel: L’armee furieuse)

ISBN                         978 9044 521 597

recensie door Hannah Kuipers, november 2014

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress