Recensies

‘Als de duiven verdwijnen’ door Sofi Oksanen

Sofi Oksanen-als de duiven verdwijnenSofi Oksanen (1977) is de dochter van een Estse moeder die ten tijde van de Sovjet-bezetting in Estland opgroeide en daarna naar Finland emigreerde, en een Finse vader. Deze Estse achtergrond loopt als een rode draad door Oksanens werk. Als de duiven verdwijnen is het derde boek uit Oksanens tetralogie over de recente geschiedenis van Estland.

Sofi Oksanen heeft de nodige research gedaan voor haar roman en baseerde hoofdpersonage Edgar Parts op de Estse ‘meesterleugenaar’ Edgar Meos (1901-1971), die tijdens en na de oorlog gebruik maakte van verschillende identiteiten en steevast sympathiseerde met de machthebber – ongeacht of dat nu de Duitsers of de Russen waren – en zodoende eerst voor de Nazi’s maar later ook voor de KGB werkte. Net als deze Edgar Meos past ook Oksanens personage Edgar zijn identiteit en sympathieën al naar gelang de omstandigheden aan.

In het begin van de jaren veertig zit deze Edgar nog als ‘Woudbroeder’ in het verzet van Estland en vecht hij samen met zijn neef Roland tegen de Russische bezetting, maar wanneer de Duitsers de Sovjet aanvallen en Estland bezetten, wisselt hij al snel van identiteit en agenda. Hij meet zich een Duitse naam aan en weet een functie bij de Duitse politie te bemachtigen. Hierdoor komt hij lijnrecht tegenover Roland te staan, die droomt van en wil (door)vechten voor een onafhankelijk Estland.
Later, als de Duitsers zich terugtrekken en Estland wederom een Sovjetrepubliek wordt, herschrijft Edgar zijn verleden opnieuw en collaboreert hij met de Russen. Wanneer hij in de jaren zestig in dienst van “Het Kantoor” (de KGB) aan een boek over de Hitleriaanse bezetting werkt, stuit hij toevallig op de in een concentratiekamp aangetroffen dagboekaantekeningen van niemand minder dan zijn neef Roland, van wie hij na de dubieuze dood van diens geliefde Rosalie niets meer vernomen heeft.

Om zijn eigen hachje te redden schuwt Edgar het niet om ook diegenen die eens dichtbij hem stonden in diskrediet te brengen of te verraden; de angst om ontmas-kerd te worden maakt eenzaam en egoïstisch. Hij denkt alleen nog aan zichzelf en heeft geen echte vrienden of relaties meer over.
Edgar is een menselijke kameleon die zo vaak en snel van identiteit wisselt, dat hij als het ware geen eigen identiteit meer overhoudt – dat het verhaal vanuit Rolands perspectief wel, maar dat van Edgar, de eigenlijke hoofdpersoon, niet in de eerste persoon verteld wordt, is dan ook veelbetekenend. Van Edgars ware ik is niets meer over, alles is slechts schijn.

In zekere zin geldt dit ook voor Edgars huwelijk. Hij voelt geen liefde voor zijn vrouw en probeert zijn homoseksuele gevoelens te onderdrukken. Edgars vrouw Juudit zoekt haar geluk dan ook elders; ze verlangt naar liefde en seks, twee dingen die ze niet krijgt in haar huwelijk met Edgar. Juudit wordt verliefd op een Duitse officier, en samen met deze Hellmut leidt ze tijdens de Duitse bezetting een tamelijk zorgeloos leven in luxe en relatieve rijkdom. Voor haar komt de machtsovername van Duitsland als een “bevrijding” van de Bolsjewieken en haar liefdeloze huwelijk met Edgar. Net als vele Esten sluit Juudit haar ogen voor alle narigheid – aan wat er daadwerkelijk gaande was tijdens de Duitse bezetting probeerde men zo weinig mogelijk te denken. Tegelijkertijd wordt Juudit zowel fysiek als ideologisch aangetrokken door Roland, die blijft vechten voor een onafhankelijk Estland. Zo komen Oksanens personages tot op zekere hoogte allemaal tegenover elkaar te staan, met alle gevolgen van dien.

Sofi Oksanen laat in deze roman met de mooie, multi-interpretabele titel zien wat de jarenlange bezetting met deze verschillende personages doet, en hoe deze onderdrukking hun levens vormt en verwoest. Oksanen schrijft met veel aandacht voor details laat in korte hoofdstukken waarin ze heen en weer springt tussen de jaren veertig en zestig en wisselt tussen het perspectief van Roland, Juudit en Edgar steeds meer puzzelstukjes op hun plaats vallen. Het duurt echter even voor je als lezer goed en wel door hebt hoe de verhoudingen tussen de personages en de onderlinge relaties en verbanden in elkaar zitten. Deels komt dit door de complexe onderlinge verhoudingen an sich, deels is dit te wijten aan de diffuse geschiedenis van Estland. (Eerst even het historisch overzicht achter in het boek raadplegen is dan ook geen slecht idee..)

Uitgeverij       Anthos, 2013
Pagina’s           384
Vertaald          uit het Fins door Marja-Leena Hellings
(oorspronkelijke titel Kun kyyhkyset katosivat )
ISBN                978 9041 423 108

Recensie door: Kyra, januari 2014

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress