Recensies

Argentijnse Avonden door Carolijn Visser

Van de Zwart Janstraat naar de pampa

In Argentijnse avonden wordt de reis beschreven van de 24-jarige Marinus van Mastrigt, die begint op 26 november 1937. Hij vertrekt op de fiets vanuit zijn geboortestad Rotterdam naar Indië, om daar een baan te zoeken. Hij kan in de crisisjaren thuis geen werk vinden als timmerman en bouwkundige. Hij gaat op de fiets omdat hij de bootreis van 500 gulden naar Batavia niet kan betalen. Niets kan zijn humeur bederven; hij is onderweg naar een betere toekomst.

Het boek eindigt op 31 maart 2006 als koningin Beatrix een officieel bezoek brengt aan de Hollandse kolonie van Tres Arroyos, 500 kilometer ten zuiden van Buenos Aires. Het is een kolonie die in 1889 is opgericht door Hollandse landverhuizers. Daar is Rinus van Mastrigt uiteindelijk na zijn Indische avontuur en de jappenkampen beland met zijn twee dochters Ida en Miep. Ida van Mastrigt wordt er later consul en heeft de leiding over dit koninklijk bezoek. Carolijn Visser, ook op bezoek in Tres Arroyos, ontmoet Ida van Mastrigt. Dochter Ida stelt haar brieven, notities, foto’s en bandopnamen ter beschikking over haar vaders leven en dat van haar en haar zus. Uit de gesproken en geschreven informatie heeft de schrijfster van reisverhalen deze bekroonde literaire non-fictie roman geschreven.

De fietsreis van Rinus wordt beschreven aan de hand van aantekenboekjes en brieven die hij naar huis stuurt. De lezer fietst met hem mee. Door Duitsland onbevreesd voor het nazi gevaar. Na München wordt het landschap bergachtig. Tegenslagen zet hij gauw uit zijn hoofd. Hij fietst door Hongarije, Bulgarije. Oud en nieuw viert hij op de pedalen en vroeg in de ochtend van 1938 rijdt hij Istanbul binnen. De Turken zijn heel hartelijk. Hij schrijft, dat hoe verder hij van Holland komt, hoe royaler de mensen zijn. Hij wordt gedwongen per trein te reizen door Syrië tot Noord-Irak. De kosten zijn een rib uit zijn lijf. In India is het snikheet en heeft hij nog 3000 kilometer te gaan. In Calcutta merkt hij tot zijn verdriet dat de overtocht per boot naar Java even duur is, als van Rotterdam naar Java. Uiteindelijk wordt hij ernstig ziek en wordt verpleegd in een ziekenhuis in Singapore. Zijn Hollandse vriendin Ida van Mars reist eigenlijk tegen haar zin naar hem toe. Als hij uit het ziekenhuis wordt ontslagen, blijkt dat hij levenslang mank zal lopen.
Uiteindelijk keert het geluk terug en krijgt Rinus een mooie aanstelling in Batavia/ Djakarta. Ida en hij kunnen nu een eigen huishouding beginnen. Op 15 maart 1939 treden ze in het huwelijk. Op 9 november wordt hun dochter Ida, genoemd naar haar moeder, geboren en op 16 oktober 1940 dochter Miep.

Bestemming bereikt. Rotterdam is gebombardeerd; er is geen weg terug.
Totdat ook in Indonesië de oorlog uitbreekt. Het zijn moeilijke tijden met scheiding en krijgsgevangenschap. De oorlog wordt beschreven vanuit de ogen van Rinus. Inmiddels bekende verhalen, die op veel Nederlandse families grote impact hebben gehad. Ze overleven, maar verkeren in slechte gezondheid. Als ze elkaar weerzien, zijn ze van elkaar vervreemd. Rinus is woedend op Ida, omdat ze hem ontrouw is geweest. Hij besluit van haar te scheiden. De voogdij van hun dochters wordt aan Rinus toegewezen. Hij zet zijn dochtertjes van 5 en 6 jaar moederziel alleen op een evacuatieschip naar zijn ouders in Rotterdam. Hun moeder zullen ze vrijwel nooit meer zien.
Rinus blijft in Batavia en wordt ingezet bij de opbouw van de verwoeste havenstad Menado. In mei1947 reist Rinus als ontgoocheld man terug naar Holland.

De rusteloze Rinus kan niet meer wennen in Holland en vertrekt eind 1948 zonder zijn dochters naar Argentinië. Zij blijven bij oma en opa totdat zij de opvoeding niet langer aan kunnen en in 1950 de meisjes naar hun vader sturen in Buenos Aires, waar ze op school en het internaat komen in Tres Arroyos. De Hollandse meester Slebos probeert hun heimwee naar Holland zoveel mogelijk te verlichten. We maken kennis met het leven van de geëmigreerde boeren en het leven in hun Hollandse gemeenschap. We lezen hoe Ida en Miep volwassen worden onder het schrikbewind van hun vader, die na de oorlog last heeft van driftbuien. Ida trouwt met Huib Groenenberg, wiens vader een vooraanstaand lid van de Nederlandse kolonie is en gaat op de boerderij wonen. Miep krijgt een baan in Buenos Aires. De verhoudingen binnen de familie Van Mastrigt zijn gecompliceerd. Zakelijk heeft Rinus veel problemen, omdat de Argentijnse economie achteruit gaat. Ida krijgt vier kinderen en zal later van Huib scheiden. Ze wordt consul.
Uiteindelijk wordt Marinus op zijn 85e overvallen en in elkaar geslagen. Hij herstelt langzaam, maar wordt niet meer de oude. Hij overlijdt op 17 september 2000 in het bijzijn van beide dochters.
Het leven van Ida heeft zich, dankzij de reizen van haar vader voor het grootste deel afgespeeld in Argentinië. Uiteindelijk is ze blij daar te wonen, als ze tevreden kijkt naar het donker wordende strand. In de verte ruist de branding. In Nederland is op dit uur de avond al bijna voorbij en hier moet de Argentijnse avond nog beginnen.

Winnaar VPRO Bob den Uylprijs 2013, prijs voor het beste reisverhalenboek.
Uit het juryrapport: “Carolijn Visser is de ideale reisleidster , die niet zichzelf maar anderen op de voorgrond plaatst.”

Uitgeverij         Atlas Contact, 2012.
Pagina’s           253
ISBN                978 9045 705 200

Recensie door Thilde Kuit, september 2013

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress