Recensies

‘Al wat ik ben’ door Anna Funder

Al_wat_ik_ben_volledig.indd“Je inleven in een ander is net zo goed een daad van heilig mededogen. We stelden de blaadjes samen, stencilden de waarheid. We vertelden de verhalen op boterpapier, in sigarenkokers, smokkelden ze Duitsland weer in. We waagden ons leven om onze medemensen, daar en in Londen, te helpen zich in te leven. Ze leefden zich niet in. Maar Toller, groot als hij was, heeft geen gelijk. De mensen hebben wel een voorstellingsvermogen. Ze beletten zichzelf alleen om het te gebruiken. Want als je eenmaal zulk leed hebt voorgesteld, hoe kun je dan niets blijven doen?” (Ruth Wesemann, echtgenote van Hans Wesemann en vriendin van de journaliste Dora Fabian en de schrijver Ernst Toller, p. 442).

Deze beschouwende conclusie en vraag aan het einde van Al wat ik ben schildert in een notendop de psychologische en morele situatie waarin de 4 Duitse, socialistische, Joodse hoofdpersonen zich in 1935 bevonden. Hoe ze in de jaren daaraan voorafgaand daarin verzeild zijn geraakt, wordt in de loop van het boek uitgewerkt. Verhaal- en tijdslijnen kruisen elkaar. Ogenschijnlijk triviaal in het begin, stevenen de schilderingen van gebeurtenissen en levens af op het brandpunt waar het om gaat: Welke keuze maak je als het erop aankomt, als het op je leven aankomt? Wie leeft naar ‘al wat zij/hij is’?

In een biografische setting die zich afspeelt tussen de jaren voorafgaand aan WO II en de huidige tijd, en tussen Ruth en Toller, worden we meegevoerd naar de schijnbare alledaagsheid van toen en de terugblik daarop van nu. De 4 hoofdpersonen moesten, nadat Hitler aan de macht was gekomen, vanwege hun politieke stellingname vluchten uit Duitsland. In Londen worden ze geconfronteerd met de onwil tot weten binnen de Engelse politiek en met de geheime dienst van het Hitler-regime dat hen op alle mogelijke manieren tegenwerkt en bedreigt. Met niet aflatende inzet en moed proberen ze de publieke opinie in Engeland, Duitsland en eigenlijk heel Europa duidelijk te maken welke gevaren Hitler en zijn partij vormen voor de vrijheid in Duitsland en de rest van Europa. De invloed van deze omstandigheden op hun leven en de door hen gemaakte keuzes wordt verraderlijk indringend door Funder beschreven. Ze maakt het spanningsveld tussen moraliteit en politiek, in de dagelijkse levenssituatie, en de worsteling van de visionaire enkeling in dat proces, op indrukwekkende manier duidelijk. Dora Fabian was de heldin die, gewist uit het collectieve bewustzijn, door Funder alsnog de plaats wordt gegeven die haar en haar getrouwen toekomt.

Daarnaast maakt Funder’s boek op basis van historische feiten duidelijk dat ‘wij’, collectief gezien, niet wílden weten, om vervolgens te kunnen zeggen: ‘Wir haben es nicht gewusst’, of in welke andere taal dan ook. Doet de politiek, doen wij het als samenleving en als individu, inmiddels anders?
Al wat ik ben is een belangrijk ongemakkelijk voorbeeld-boek.

Uitgeverij                Atlas Contact, 2011
Pagina’s                   458
Vertaald                  uit het Engels door  Harry Pallemans
(oorspronkelijke titel: All that I am)
ISBN                        978 9025 436 360

Recensie door Olaf Janssen, 4 mei 2013

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Powered by: Wordpress